VHP EVALUATIE EN HERNIEUWDE AANSLUITING VAN DE VHP BIJ DE SAMENLEVING

25 nov 2025 In de overeenkomst met Total Energies staat dat de royalties “in cash” betaald moeten worden. Gerard Spong vat dit letterlijk op, maar in juridisch context betekent het dat de royalty’s met direct beschikbare banktegoeden betaald moeten worden en dus niet met fysieke bankbiljetten in handen. Deze terminologie is gangbaar in internationale overeenkomsten. Voorbeeld: Het kan ook zo zijn dat de royalty’s betaald worden met aandelen in het bedrijf. In dat geval zijn het dan geen direct beschikbare banktegoeden die direct uitgegeven kunnen worden. Reden waarom de term “cash” gebruikt wordt. Immers, een bedrijf als Total Energies zal nimmer zaken doen middels fysiek/contant geld. Want dat zou inderdaad de deur naar corruptie en witwaspraktijken kunnen openen. Vooral beursgenoteerde bedrijven zijn heel erg bedachtzaam wat dat betreft. Kortom, geen reden tot zorgen.

Sunil Sookhlall

SPONG SLAAT ALARM OVER SURINAME DEAL: 6,25% ROYALTY ‘IN CASH’ IS CORRUPTIEGEVOELIG

Nov 24, 2025

ANALYSE | FOTO: Jurist Gerard Spong

De oliedeal tussen Suriname en TotalEnergies, gesloten onder de voormalige regering Santokhi, staat opnieuw onder zware kritiek wegens vermeende corruptiegevoeligheid. De focus ligt op de hoogte van de royalty van 6,25% en vooral op de door de vorige regering bedongen methode van contante betaling (‘cash’).

Jurist en analyticus Gerard Spong heeft zijn zorgen geuit, wat de druk op de zittende Regering Simons opvoert om transparantie te garanderen en de voorwaarden te herzien. Het meest kritische punt dat is opgeworpen, is de vermeende eis van de regering-Santokhi om de royalty’s in geld (cash) uitbetaald te krijgen in plaats van in fysieke olie (Payment in Kind). Hoewel betaling in cash administratief eenvoudiger kan zijn, wordt deze methode door anticorruptiewachten als extreem corruptiegevoelig beschouwd. 

Contante stromen uit een omvangrijke olie-exploitatie maken het eenvoudiger om fondsen te verbergen of te manipuleren, en bemoeilijken de onafhankelijke controle van de werkelijke inkomsten. Betaling in fysieke olie wordt daarentegen als transparanter ervaren, omdat het een tastbaar, verifieerbaar bezit creëert. De beslissing van de vorige regering om cash te eisen, heeft de deur geopend naar vragen over intentie en financieel beheer. De huidige regering staat voor de taak deze clausule te herzien of te rechtvaardigen. De officiële royalty in Suriname is vastgesteld op 6,25% van de bruto productie. Hoewel dit een vaste vergoeding is, roept de hoogte ervan vragen op in het licht van de historische olievondsten. Het is cruciaal om te beoordelen of deze royalty in de context van de grensregio, met name vergeleken met Guyana, toereikend is. De totale staatsinkomsten zijn in een Productie Delings Contract (PSC) weliswaar ook afhankelijk van de winstolie (Profit Oil) en de inkomstenbelasting, maar een lage royalty wordt door critici gezien als een gemiste kans op gegarandeerde, hoge inkomsten. 

De Regering Simons moet aantonen dat het totale staatsaandeel (Total Government Take – TGT) van Suriname daadwerkelijk het ‘grootste deel’ voor het land garandeert, zoals eerder werd beweerd. De corruptiegevoelige afspraken zijn een erfenis van de regering Santokhi.

De cruciale vraag die de zittende coalitie onder President Simons nu moet beantwoorden, is hoe zij dit potentieel financieel en bestuurlijk mijnenveld gaat opruimen. De druk is hoog om de corruptiegevoelige erfenis van de oliedossiers niet te laten uitmonden in een nationale ramp. De Regering Simons zal moeten kiezen tussen het handhaven van de gemaakte afspraken en het nemen van drastische maatregelen om de transparantie en traceerbaarheid van toekomstige miljardeninkomsten te garanderen. Dit vereist onder meer de overweging om de contractteksten openbaar te maken, de mogelijkheid van een Soeverein Welvaartsfonds te versnellen, en de betalingsclausule eventueel aan te passen naar een model met minder corruptierisico.

https://unitednews.sr/spong-slaat-alarm-over-suriname-deal-625-royalty-in-cash-is-corruptiegevoelig/

Contante betalingen in oliedeal Santokhi zorgen voor gefronste wenkbrauwen Spong en Mungra

 23 november 2025 

De bekende Nederlands-Surinaamse advocaat Gerard Spong heeft in een gesprek met de Nederlandse journalist Joost Vullings genuanceerde kritiek geuit op de ambitieuze oliewinstverwachtingen van Suriname. 

Volgens Spong is hij “niet overtuigd” dat de verwachte inkomsten wezenlijk zullen bijdragen aan de economische stabiliteit van het land.

Hij waarschuwt dat een belangrijke clausule in de oliedeal, die onder voormalig president Chandrikapersad Santokhi werd gesloten, grote risico’s met zich meebrengt.

Die overeenkomst bepaalt volgens hem dat slechts 6,5 procent van de winsten naar de staatskas gaat, en erger nog: het contract laat toe dat betalingen “contant” kunnen plaatsvinden. Spong zegt dat dit een mogelijke toegangspoort biedt voor witwaspraktijken.

Spong waarschuwt voor contante betalingen

In het interview wijst Spong erop dat de oliedeal met buitenlandse maatschappijen een bijzonder laag winstpercentage voor de staat kent: Slechts 6,5 procent van de winsten vloeit in de staatskas.”

Dat cijfer baart hem zorgen, omdat het simpelweg veel te klein is om grote olie-inkomsten structureel te laten bijdragen aan sociale en economische programma’s. Hij gaat verder met zijn kritiek: “Ik heb weinig geloof dat deze inkomsten echt gaan helpen zoals men voorspelt.”

Daarnaast is de clausule die contante betalingen toestaat volgens hem potentieel problematisch. Spong waarschuwt dat op die manier grote sommen geld zonder toezicht kunnen stromen.

“Er is een opening voor eventuele witwaspraktijken,” zegt hij, waarmee hij suggereert dat iemand met kwade bedoelingen de contante route kan gebruiken om geldstromen te maskeren.

Critici verontrust over mogelijke witwasrisico’s

Spong’s opmerkingen worden gedeeld door andere actoren in Suriname. Politicus Dharm Mungra liet zondagavond aan GFC Nieuws weten dat hij “verbijsterd” is dat Santokhi destijds een clausule heeft afgedwongen die contante betalingen mogelijk maakt.

Volgens Mungra is het buitengewoon zorgwekkend dat zulke cruciale details in een oliedeal met internationale partners op die manier zijn vastgelegd.

Hij voegt eraan toe dat transparantie en integriteit in zulke contracten van levensbelang zijn, zeker als het gaat om inkomsten uit olie die het groeipotentieel van Suriname zouden moeten ondersteunen.

Mungra roept dan ook op tot publiek debat en strengere controle om te voorkomen dat een economische kans verwordt tot een financieel gevaar.

https://www.gfcnieuws.com/contante-betalingen-in-oliedeal-santokhi-zorgen-voor-gefronste-wenkbrauwen-spong-en-mungra/

Reactie Jason Saiman op vertrek van ex-bestuurslid Sidik Moertabat

17 november 2025

Jason Saiman, ondervoorzitter van de VHP-jongerenraad
Jason Saiman, ondervoorzitter van de VHP-jongerenraad

Naar aanleiding van recente mediaberichten en een interview met de heer Sidik Moertabat, voormalig bestuurslid van de Vooruitstrevende Hervormingspartij (VHP), wenst Jason Saiman, ondervoorzitter van de VHP-jongerenraad graag op duidelijke en respectvolle wijze reageren.

Het is met spijt dat wij kennis hebben genomen van het besluit van de heer Moertabat om de partij te verlaten, kort na het bekendmaken van de verkiezingsuitslag waarbij de VHP geen deel meer uitmaakt van de nieuwe regeringscoalitie. Hoewel wij zijn keuze respecteren, vinden wij het jammer dat een partijgenoot met wie wij jarenlang constructief hebben samengewerkt, deze weg heeft gekozen op een moment waarop de partij zich in een belangrijke fase van bezinning, evaluatie en herpositionering bevindt. De heer Moertabat heeft op zijn eigen wijze bijgedragen aan de ontwikkeling en zichtbaarheid van de partij en daarvoor spreekt de partij haar waardering uit. Tegelijkertijd willen wij benadrukken dat leiderschap en politieke volwassenheid soms vragen om geduld, strategisch inzicht en het vermogen om tijdelijk een stap terug te doen, zodat er in de toekomst sterker en effectiever kan worden opgetreden.

De partijleiding heeft, met het oog op de lange termijn, een strategisch traject uitgezet dat is gericht op hernieuwde aansluiting bij de samenleving, modernisering van het beleid en maximale inzet voor de toekomst van Suriname en haar burgers. Deze keuzes zijn weloverwogen en gedragen door de partijorganen en staan volledig in het belang van de vooruitgang van het land. Het past ons ook om te benadrukken dat de VHP anno 2025 geen partij is die verdeeldheid voedt of politieke identiteit laat bepalen door etnische achtergrond. Binnen onze beweging spreken wij niet langer over Javanen, Hindoestanen, Creolen, Inheemsen, Chinezen of welke bevolkingsgroep dan ook. De VHP staat voor inclusiviteit, nationale eenheid en gelijke kansen voor iedereen. Wij benadrukken daarom met trots dat wij werken voor en met Surinamers, ongeacht afkomst, religie of sociale positie. Dat uitgangspunt blijft de kern van onze ideologie, ons beleid en onze visie op de toekomst: een modern, eerlijk, welvarend, veilig en verenigd Suriname. Een Suriname waarin leiders verantwoordelijkheid nemen, samenwerken, opbouw verkiezen boven conflict en het nationale belang altijd boven persoonlijke belangen plaatsen. Hoewel wij het besluit van de heer Moertabat betreuren, wensen wij hem oprecht succes toe met zijn verdere politieke keuzes. Wij hadden graag gezien dat hij deel was gebleven van de gezamenlijke missie die wij hebben opgebouwd, maar wij respecteren zijn vrijheid om zijn eigen traject te volgen. Het politieke landschap biedt vele wegen, en wij hopen dat zijn toekomstige stappen bijdragen aan de vooruitgang van het land.

Onze partij blijft onverminderd gemotiveerd en vastbesloten om zich sterk te maken voor de jeugd, ondernemerschap, democratische waarden, duurzame groei en sociale ontwikkeling. Wij nodigen eenieder — van jongeren tot professionals, van ondernemers tot gemeenschapsleiders — uit om te blijven geloven, mee te denken en actief bij te dragen aan een betere toekomst. Samen bouwen wij verder.
Samen blijven wij vooruitgaan.
Voor Suriname, mét Surinamers.

Jason Saiman
Ondervoorzitter Jongerenraad