SURINAME SPREEKT NA VERTREK VAN KONING WILLEM ALEXANDER EN KONINGIN MAXIMA txt)

LEES OOK: EEN PROVOCATEUR ” SPITS SCHERPSCHUTTER” EEN RODDELJOURNALIST “DE SNIJD” EEN SPLIJTZWAM “KORT LONTJE” EEN PASSIE VOOR ZICHZELF “DE BOMMENWERPER” EEN DEMAGOOG ” ALIAS GOEBBELS” EEN COMPROMISLOZE PRESIDENT “TANTE JENNY” ALLEN TEZAMEN EEN GEVAAR VOOR NATIEVORMING EN ONTWIKKELING MET ALS VERBORGEN AGENDA KARAKTERMOORD OPRUIÏNG EN POLARISATIE.

Dc Budike niet uitgenodigd voor ontmoeting met koninklijk paar

Redactie

Marlon Budike. Beeld: Suriname Herald

Districtscommissaris (dc) Marlon Budike van Paramaribo-Noord vindt het jammer dat hij, terwijl koning Willem-Alexander en koningin Máxima in Suriname verbleven, geen uitnodiging heeft ontvangen om de hoge gasten formeel te ontmoeten. Dit terwijl het koninklijk paar verbleef in het ressort waar hij als dc leiding aan geeft.

In het programma To The Point op Apintie TV zegt de burgervader dat hij ook geen programma van de geplande activiteiten heeft ontvangen. Wat hem eveneens dwarszit, is dat alle andere c’s een cadeau van de koning hebben gekregen, terwijl hij hiervan is uitgesloten. Doordat hij niet op de hoogte was van de activiteiten van de koning en zijn delegatie, kon hij daarbij ook niet aanwezig zijn.

Budike geeft verder aan dat er gesprekken zijn gevoerd zonder dat hij daarbij werd betrokken. Volgens hem is het protocollair eveneens niet goed verlopen. Zo was er een moment waarop koning Willem-Alexander zich gereedmaakte om deel te nemen aan een activiteit, terwijl er niemand aanwezig was om hem op te vangen op de steiger te Leonsberg. “Als iemand zich niet had versproken, was er niemand op Leonsberg om hem op te vangen,” aldus de dc.

Nadat hij alsnog achter deze informatie kwam, is Budike samen met twee medewerkers snel naar de locatie gegaan om de koning op te vangen en hem te begeleiden naar de boot, waarmee hij zijn reis naar Commewijne zou voortzetten. Indien er niemand aanwezig was geweest om het koninklijk paar ter plaatse op te vangen, zou dat volgens Budike een ernstige fout van Suriname zijn geweest.

https://www.srherald.com/suriname/2025/12/20/dc-budike-niet-uitgenodigd-voor-ontmoeting-met-koninklijk-paar/

Minister Van Weel: “Wij geloven niet in herstelbetalingen en die komen er dus ook niet”

Van Dijk-Silos: “Beschamend dat schoolkinderen gerekruteerd zijn om met vlaggetjes te wapperen voor Nederlandse koning”

10 dec 2025

Jurist en oud-JusPol-minister Jennifer van Dijk-Silos neemt het de regering van Suriname kwalijk dat zij schoolkinderen met vlaggetjes liet wapperen tijdens de ontvangst van de Nederlandse koning Willem-Alexander. Het feit dat de kinderen naast met de Surinaamse ook Nederlandse vlaggetjes wapperden, maakt de zaak volgens haar alleen maar erger.

“Wat ik echt minnetjes vond…en dat neem ik wel de regering kwalijk…is om schoolkinderen te rekruteren met vlaggetjes. Alsof we in die oude koloniale tijd waren. Dat betekent dat de mensen die dit hebben bedacht geen concept hadden van waar we nu staan. Dat we nu twee gelijkwaardige landen zijn. Ook die kinderen bij het paleis. Laat men dus ophouden, want dat vond ik wel beschamend. Want dat gaf aan dat wij in ons denken nog steeds gekoloniseerd zijn”, zei Van Dijk-Silos in het programma To The Point op Apintie tv.

Eén van de zaken die de jurist wel gemist heeft in de gesprekken tijdens het afgelopen staatsbezoek, is het gesprek over herstelbetalingen voor de materiële schade van 300 jaar uitbuiting van Suriname door Nederland.

De focus moet dan niet specifiek zijn op herstelbetalingen voor het slavernijverleden, aangezien zij vindt dat personen die trauma hebben van het slavernijverleden, dan maar zelf moeten zien hoe ze die trauma verwerken. “Wanneer we praten over reparations, dan worden we overheerst door slavernijverledenverhalen. Ik heb geen trauma van slavernij. Ik kan er geen sympathie voor hebben en ik ben gewoon verder gegaan met mijn leven. Zij die vinden dat ze trauma hebben, die moeten maar zien hun trauma te verwerken. Ik wil die reparations, maar ik wil die reparations op basis van de uitbuiting van dit land 300 jaar lang. 

Onze rijkdommen gestolen, de stad Amsterdam gebouwd en misschien ook Rotterdam, ze hebben ons leeggeroofd en vernederd. Wanneer komt die discussie over de reparation van de materiële schade die ze dit land hebben aangericht? Dit is de discussie die we nu moeten voeren”, aldus Van Dijk-Silos. In een vandaag verschenen artikel komt naar voren dat de Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken duidelijk heeft aangegeven dat zijn regering niet gelooft in herstelbetalingen en dat die herstelbetalingen er dus niet komen. “Dus daarin heb ik ze moeten teleurstellen. Wel hebben we het bewustwordingsfonds waarin tweehonderd miljoen euro zit waarvan 66,6 miljoen euro voor Suriname bestemd is. Dit zijn de Makandra-gelden”, aldus de bewindsman:

https://www.waterkant.net/suriname/2025/12/10/van-dijk-silos-beschamend-dat-schoolkinderen-gerekruteerd-zijn-om-met-vlaggetjes-te-wapperen-voor-nederlandse-koning/

Bezoek koning Willem-Alexander: Waar was de Surinaamse gastvrijheid in DNA?

9 dec 2025

Het staatsbezoek van koning Willem-Alexander en koningin Máxima aan Suriname bood een unieke gelegenheid om de Surinaamse identiteit te tonen: warm, veerkrachtig, zelfbewust en gastvrij. Het moment in De Nationale Assemblee had moeten onderstrepen dat de Republiek Suriname één natie is, trots op land en volk, bewust van haar soevereiniteit en verenigd in de geest van ‘Soso Lobi’ – de verbondenheid en hartelijkheid die Suriname kenmerken.

Een ontvangst zonder warmte
Surinamers staan bekend om hun openheid en gastvrijheid; het is een dagelijkse realiteit in dorpen, districten en stadswijken. Die gastvrijheid had juist in Het Huis van het Volk hoorbaar moeten zijn, maar zij klonk in de toespraken van onze volksvertegenwoordigers nauwelijks door.

De toon van de sprekers riep zelfs het beeld op van een vervreemde familierelatie: een vader die zijn kind jarenlang te weinig aandacht gaf en eindelijk wordt uitgenodigd, maar bij aankomst alleen verwijten hoort. Begrijpelijke emoties misschien, maar zonder warmte, zonder verzoenende woorden, zonder de ontvankelijkheid die een eerste stap naar herstel mogelijk maakt. Zijn ouders zaten erbij en luisterden ernaar.

In de woorden klonk, terecht of onterecht, een verwijtende ondertoon, versterkt door een aanvallende houding rond het visumbeleid. Hoewel het protocol werd gevolgd en de woorden zorgvuldig gekozen waren, bleef de toon afstandelijk en leeg. Daarmee miste de ontvangst van het koninklijk paar wat Suriname bijzonder maakt: warmte, menselijkheid – Soso Lobi.

Wat overbleef, was een welkom zonder ziel. Een koele, afstandelijke toon die meer deed denken aan het voorlezen van een dossier dan aan het ontvangen van gasten. Het protocol won het van de persoonlijkheid. En zo ontstond een pijnlijk contrast: een warm volk vertegenwoordigd door koude woorden.

Gastvrijheid als kracht
Gastvrijheid is geen zwakte, maar een uiting van zelfvertrouwen, volwassenheid en waardigheid. Juist daarom viel het ontbreken van een verbindende, respectvolle toon in de Assemblee op. Buiten het parlement ervoer het koninklijk paar wél de oprechte en spontane hartelijkheid van burgers. Het contrast benadrukte hoe het officiële Suriname zijn kans liet liggen om authentiek en krachtig naar voren te treden.

Het slavernijverleden: noodzakelijke erkenning, ongelukkige toon

Niemand betwist dat het slavernijverleden besproken moet worden. Het is een gedeelde en pijnlijke geschiedenis die erkenning, openheid en voortdurende dialoog verdient. In de Assemblee kwam dit onderwerp echter over als een onderstroom van wrok, met verwijzingen die leken te impliceren dat koning Willem-Alexander persoonlijk aansprakelijk was.

Opmerkelijk, juist omdat híj zich de afgelopen jaren herhaaldelijk en oprecht heeft uitgesproken over de koloniale geschiedenis: hij erkende de misstanden, vroeg vergiffenis namens het Koninkrijk der Nederlanden, en nam publiekelijk verantwoordelijkheid voor de rol van zijn voorouders.

Suriname had het gesprek over het verleden met waardigheid en respect kunnen voeren, waarbij gastvrijheid en kritische reflectie samenkomen.

Niet de koning, maar Suriname kwam tekort
Niemand beweert dat een koning boven kritiek staat – en zo hoort het ook. Maar kritiek moet helder, eerlijk en waardig zijn, gericht op beleid en geschiedenis, niet op de persoon. In de Assemblee was de toon afstandelijk en geladen, en miste zij de diepgang en fijngevoeligheid die dat moment vroeg.

Zo werd niet het prestige van de koning geraakt, maar dat van Suriname. Het land had kunnen laten zien dat het volwassen en zelfbewust met zijn geschiedenis omgaat, zonder die in te zetten op een moment dat juist verbinding centraal staat.

Door deze toon verloor Suriname de kans zijn kracht te tonen: kritisch én menselijk, fier maar niet verbitterd, gastvrij maar niet naïef. Het onderscheid tussen geschiedenis en persoon, tussen pijn en respect, is essentieel — precies die nuance ontbrak. Daardoor kwam, mijns inziens, niet de koning maar Suriname zelf tekort.

Een gemiste kans voor nationale uitstraling
Het parlement hoort de stem en trots van het Surinaamse volk te vertolken, maar in de toespraken klonk die nationale identiteit nauwelijks door.

Wat ontbreekt, is leiderschap dat begrijpt dat representatie meer is dan woorden: het gaat om toon, houding en intentie. Suriname heeft alles in zich om met waardigheid en zelfvertrouwen vooruit te gaan. Maar daarvoor moet het parlement bereid zijn de échte Surinaamse stem te laten klinken – hartelijk, overtuigd en oprecht.

Tot slot
Het parlement had kunnen tonen dat het kritisch kan zijn zonder de menselijkheid te verliezen, dat het verleden erkent zonder te verharden, en dat het groot kan zijn zonder zichzelf te verloochenen.

Voor de toekomst is het belangrijk dat het parlement bij internationale gelegenheden de stem van het volk laat horen — authentiek, warm en waardig.

T. Sansaar
info@surinamekennisnetwerk.com

Wanneer woorden leeg worden: het Surinaamse politiek vocabulaire onder de loep

 7 december 2025

DNA, Kabinet Suriname

De Nationale Assemblee.

Tijdens het staatsbezoek van koning Willem-Alexander viel één ding meteen op: de overvloed aan groot klinkende termen die enkele Surinaamse politici van de NDP graag gebruiken, woorden als gelijkwaardigheid, wederzijds respect en duurzame samenwerking.

Het zijn mooie begrippen, geschikt voor toespraken en protocollaire momenten. Maar wie kijkt naar de inhoudelijke onderbouwing, merkt al snel hoe vaag deze termen blijven.

Brede begrippen vormen geen basis

Vanuit economisch-diplomatiek perspectief is dat problematisch. Begrippen die zo breed en elastisch zijn dat iedereen ze anders kan uitleggen, vormen geen basis voor beleid of internationale samenwerking. Ze dienen vooral om te klinken alsof er visie is, zonder dat die visie echt wordt ingevuld.

Neem “gelijkwaardigheid”. In theorie verwijst dit naar partnerschap tussen landen, waarin beiden met respect voor elkaars belangen handelen. Maar in de praktijk wordt het begrip vaak gebruikt als reactie op een gevoeld historisch overwicht van Nederland.

Het blijft zelden duidelijk wat Suriname onder gelijkwaardigheid verstaat: is het economische onafhankelijkheid?
Is het even veel zeggenschap aan tafel? Is het het vermijden van paternalistische toon?

“Wederzijds respect” klinkt eveneens prachtig, maar vraagt om concrete gedragingen: transparantie, betrouwbare afspraken, voorspelbaar beleid en professionele omgangsvormen.

Zonder die componenten blijft het een hol woord dat kan worden opgeroepen wanneer het politiek goed uitkomt.

Wat is duurzame samenwerking?

En dan is er “duurzame samenwerking”. Een begrip dat in internationale economische diplomatie doorgaans verwijst naar langetermijnplannen, gezamenlijke investeringen, heldere verantwoordelijkheden en meetbare resultaten.

In het Surinaamse politieke taalgebruik wordt het echter vaak niet verder uitgewerkt dan een wens: samenwerken, maar zonder duidelijk te maken hoe, waarmee of onder welke voorwaarden.

Het punt is niet dat deze termen verkeerd zijn. Integendeel: ze vormen de basis van volwassen internationale relaties.

Het probleem is dat ze in Suriname te vaak worden uitgesproken zonder inhoud, als symbolen van status in plaats van instrumenten voor beleid.

Als Suriname werkelijk vooruit wil, moet er een nieuwe politieke cultuur ontstaan waarin niet alleen grote woorden worden gebruikt, maar waarin ook wordt uitgelegd wat die woorden betekenen en hoe ze worden uitgevoerd.

Want samenwerking wordt niet gebouwd op mooie termen, maar op duidelijke intenties en concreet handelen.

Johan Blomhof

President Simons: “Niet NDP, maar Venetiaan zei dat Nederland Suriname heeft tegengewerkt”

5 dec 2025

President Jennifer Simons, die ook leider is van de Nationale Democratische Partij (NDP), stelt dat haar partij nooit gezegd heeft dat Nederland Suriname heeft tegengewerkt.

Volgens het staatshoofd zou juist wijlen oud-president Ronald Venetiaan dit hebben aangegeven in De Nationale Assemblee (DNA). Wel was zij het eens met het oud-staatshoofd. “Dat de NDP zou hebben gezegd dat Nederland Suriname heeft tegengewerkt? Gaat u na in de annalen van De Nationale Assemblee wie dat keihard heeft gezegd: president Venetiaan. En ik was het met hem eens. 

Hij heeft gezegd: al die problemen die de laatste jaren Suriname hebben getroffen, daar heeft Nederland een hand in gehad. President Venetiaan…”, zei Simons woensdag op een persconferentie.

Volgens de president heeft Nederland zelf ook toegegeven dat de relatie met Suriname niet rooskleurig was, maar negatief. Vandaar dat haar regering deze relatie op een nieuwe voet wil zetten. “We willen een andere relatie, omdat het negatief was. Uw voorouders zijn uitgebuit en mishandeld door Nederland. Die van mij ook. We willen dat niet meer, maar ook de postkoloniale relatie was niet positief. En dat hebben wij niet gezegd als NDP. Suriname weet dat de relatie met Nederland herstel en reparatie behoeft”, aldus de president.

Harold Allewijn Jammer dat hij niet meer leeft. Anders abing wiep yu wang ka faya klap!!! Leyandra, vertel dan ook wie altijd heeft tegengewerkt, als het om samenwerking met Nederland ging! Recent nog, waren jou partijleden die hard aan het schreeuwen waren, dat Chan Suriname aan de Nederlanders gaat verkopen!!! Jammer dat Vene niet meer leeft! Zijn laatste woorden over jou, daar had hij 100% gelijk in!!! Jij bent niet te vertrouwen en je komt je afspraken nooit na!!

Maha Bier Het is opmerkelijk hoe plotseling het verhaal wordt herschreven. Iedereen die de politieke werkelijkheid van de afgelopen jaren heeft gevolgd, weet dat juist Bouterse stelselmatig herhaalde dat Nederland Suriname zou hebben tegengewerkt. Dat is niet te ontkennen, want het staat zwart op wit in talloze publieke uitingen. Wanneer er nu wordt gedaan alsof de NDP dat nooit heeft beweerd en de verantwoordelijkheid bij Venetiaan wordt gelegd, wekt dat eerder de indruk van selectief geheugen dan van zorgvuldige leiderschap. Zo’n poging tot herinterpretatie van algemeen bekende feiten versterkt het vertrouwen niet, het ondermijnt het. Nu is het geen Leandra???

https://www.waterkant.net/suriname/2025/12/05/president-simons-niet-ndp-maar-venetiaan-zei-dat-nederland-suriname-heeft-tegengewerkt/

Slavernij was geen eenzijdig project van de witte man

 4 december 2025

Het gangbare beeld van slavernij is dat de witte Europeaan Afrika binnendrong en miljoenen zwarte mensen naar Amerika verscheepte. Dat beeld is begrijpelijk, maar historisch onvolledig.

Afrikaanse elites, koninkrijken en handelaren waren zelf actief betrokken bij het verhandelen van hun medemensen.

Dit artikel wil dat beeld nuanceren: niet om Europese verantwoordelijkheid te verkleinen, maar om te laten zien dat slavernij een complex systeem was waarin ook Afrikaanse actoren een cruciale rol speelden.

Slavernij vóór de Europeanen

Slavernij bestond al eeuwen in Afrika. Oorlogsbuit en krijgsgevangenen werden tot slaaf gemaakt en verhandeld binnen Afrikaanse en Arabische netwerken.

Toen Europeanen in de 15e eeuw de Afrikaanse kust bereikten, troffen zij samenlevingen waar slavernij al ingebed was. Zij schaalden deze praktijk op en maakten er een mondiaal systeem van.

Afrikaanse koninkrijken waren niet slechts slachtoffers, maar ook leveranciers. Het koninkrijk Dahomey en de Ashanti verhandelden krijgsgevangenen aan Europeanen.

Ook het rijk Oyo en het koninkrijk Kongo leverden grote aantallen slaven. Lokale handelaren fungeerden als schakels tussen het binnenland en de kustforten. Zij profiteerden van wapens, textiel en alcohol en versterkten hun macht door de handel.

De Europese schaalvergroting

Europeanen brachten de handel naar een ongekende schaal. Via de driehoekshandel werden miljoenen Afrikanen verscheept naar Amerika.

Naar schatting 12 miljoen mensen werden tussen 1525 en 1867 gedeporteerd. Europese staten en compagnieën, zoals de Nederlandse WIC, maakten slavernij tot een georganiseerd economisch systeem.

Het ongemakkelijke antwoord: Afrikanen verkochten Afrikanen. Vaak ging het om krijgsgevangenen uit rivaliserende stammen, soms zelfs eigen onderdanen. Zonder de actieve rol van Afrikaanse elites was de trans-Atlantische slavenhandel niet mogelijk geweest.

Waarom blijft vooral het Europese beeld hangen?

De schaal en gruwelijkheid van de Europese handel waren ongekend. De middenpassage kostte miljoenen levens.

Bovendien domineerden Europese staten de wereldorde en schreven zij de geschiedenis vanuit hun perspectief.

Omdat zij slavernij tot een economisch systeem maakten, ligt de nadruk op hun schuld. Maar dat betekent niet dat Afrikaanse betrokkenheid genegeerd mag worden.

Suriname en de selectieve roep om excuses

In Suriname klinkt vooral de roep om excuses en herstelbetalingen van Nederland. Dat is begrijpelijk: Nederland was kolonisator en profiteerde van de plantages.

Maar het is selectief om uitsluitend de Europese landen verantwoordelijk te houden. Afrikaanse elites en handelaren hebben zelf actief bijgedragen aan het leed van Surinaamse voorouders. Toch klinkt er nauwelijks een oproep richting die Afrikaanse samenlevingen.

Wie werkelijk rechtvaardigheid wil, moet erkennen dat de keten van slavernij niet begon in Amsterdam of Rotterdam, maar vaak in Afrikaanse dorpen en koninkrijken waar mensen werden gevangen en verkocht.

Het is dus hypocriet om alleen naar Nederland te wijzen en Afrika buiten schot te laten.

Als excuses en herstelbetalingen gaan over erkenning van pijn, dan zou die erkenning ook van Afrikaanse zijde gevraagd moeten worden. Alleen dan ontstaat morele consistentie.

Het benoemen van Afrikaanse betrokkenheid verkleint de Europese schuld niet. Nederland en andere koloniale machten dragen een enorme verantwoordelijkheid. Maar het is historisch onjuist én maatschappelijk oneerlijk om de Afrikaanse rol buiten beeld te laten.

Reflectie op heden en toekomst

Het debat over slavernij gaat niet alleen over het verleden, maar ook over het heden. Racisme, ongelijkheid en koloniale erfenissen zijn nog steeds voelbaar. Maar een eerlijk gesprek vraagt om een volledige historische basis.

Door te erkennen dat slavernij een systeem was van samenwerking en uitbuiting, waarin zowel Afrikaanse als Europese partijen hun eigen belangen nastreefden, kunnen we de erfenis beter begrijpen. Alleen dan kunnen we rechtvaardige keuzes maken over hoe we met die erfenis omgaan.

Slavernij was geen eenzijdig project van de witte man. Het was een systeem waarin Afrikaanse elites en Europese handelaren elkaar vonden in een dodelijke samenwerking.

Suriname doet er goed aan dit te erkennen in haar huidige debatten.

Zolang men uitsluitend naar Nederland wijst en de Afrikaanse rol negeert, blijft de discussie selectief en mist zij de morele consistentie die nodig is om werkelijk recht te doen aan de geschiedenis.

Richard Bruins

Ramnandanlal: “President, zie je niet dat de koning eigenlijk op je hoofd plast?”

4 december 2025

Henk Ramnandanlal, ondervoorzitter van de PALU

Henk Ramnandanlal, ondervoorzitter van de PALU – beeld (c) TBN

Volgens Henk Ramnandanlal, ondervoorzitter van de PALU, zijn de verschillende overeenkomsten die de Surinaamse regering tijdens het bezoek van de Nederlandse koning met diverse ministers heeft getekend, weer het zoveelste bewijs dat ook de regering Simons-Rusland de hand openhoudt voor het voormalig moederland.
Volgens de oud-parlementariër is er tijdens het bezoek een incident geweest waarbij het erop leek alsof “de koning op het hoofd van de president plaste”. Hij noemt onder andere het geval waar koning Willem-Alexander opmerkingen in een toespraak maakte over de 8 decembermoorden.“President, zie je niet dat de koning eigenlijk op je hoofd plast? Zonder dat wij ons realiseren. Sommige Surinamers denken dan dat het regent. Eén daarvan is het banket geweest in Prince Ballroom waar de koning het met name heeft over de 8 decembermoorden. Zich eigenlijk uitlaat over interne politieke aangelegenheden. Hoe de rechterlijke macht zich zo onafhankelijk heeft opgesteld, met name daarin. volledige video onderaan de pagina

Ik bedoel, dat zijn toch verregaande uitspraken. Een land dat toch wel heeft bijgedragen aan datgene wat zich heeft voltrokken tijdens de 8 decembergebeurtenissen en de eigen archieven daarover sluit. En dan vervolgens de brutaliteit heeft om daarover zo een opmerking te maken”, zei Ramnandanlal in een interview op TBN.

Volgens de politicus zou het goed zijn geweest als er gesproken werd over het eigen aandeel vanuit politiek Den Haag in de 8 decembergebeurtenissen. Volgens Ramnandanlal zou president Jennifer Simons moeten weten dat er tijdens het 8 decemberproces geen waarheidsvinding heeft plaatsgevonden. Hij vindt het jammer dat het staatshoofd de uitspraken heeft aangehoord en geen enkele opmerking daarover maakt.

“Juist in de positie waar de huidige president toen voorzitter was van DNA, zou zij juist met een nationaal belang naar die gebeurtenissen moeten kijken. En meer dan wat dan ook vanuit dat nationaal belang vooral waarheidsvinding moeten plaatsvinden. Vanuit het nationaal belang wil je juist voorkomen dat 8 decembergebeurtenissen zich herhalen.

Maar een deel van die waarheid ligt nu verborgen in de archieven van Nederland. Ook de koning heeft dan de brutaliteit om helemaal in jouw land te komen, het over 8 december te hebben, maar het niet te hebben over het eigen aandeel daarin”, aldus de politicus. Hij vindt dat er vooraf moest zijn afgesproken om niet naar het verleden, maar naar de toekomst te kijken.

18:28Wordt nu afgespeeld

Ramnandanlal: ‘Regering had zich slecht voorbereid op komst Nederlandse koning’ – Prime 03 Dec 2025

Over deze resultaten

Filters

https://www.waterkant.net/suriname/2025/12/04/ramnandanlal-president-zie-je-niet-dat-de-koning-eigenlijk-op-je-hoofd-plast/

Na 45 jaar mentale knechting: Suriname staat eindelijk weer in het licht van vrijheid

 4 december 2025 14:01

[Aggregator] Downloaded image for imported item #422507

Het staatsbezoek van koning Willem-Alexander aan Suriname vormt een symbolisch  breekpunt.

Voor het eerst in lange tijd kijkt Suriname niet vanuit wrok of angst naar Nederland, maar vanuit een nieuw gevoel van openheid.

Halve eeuw Bouterse-doctrine

Die verandering komt niet uit het niets: het Surinaamse volk draagt een 45 jaar lange mentale last met zich mee, een last die begon in 1980, met de opkomst van Desi Bouterse en zijn politieke doctrine.

Gedurende bijna een halve eeuw heeft de Bouterse-doctrine het land gevangen gehouden in een gecreëerde vijandbeeldpolitiek. Nederland werd voorgesteld als het permanente gevaar, de onderdrukker, de schuldige van elke mislukking.

Deze retoriek werkte als een ideologisch wapen: zij leidde de aandacht af van binnenlandse verantwoordelijkheid,
politieke misstanden en bestuurlijke incompetentie.

Tegelijk kon Bouterse zichzelf presenteren als slachtoffer en martelaar,  een strategische rol die hem decennialang politieke brandstof gaf.

Surinamers trapten in de val

Veel Surinamers trapten in die val, soms uit hoop, soms uit wanhoop, vaak door een gebrek aan eerlijke informatie.

Een volk dat stelselmatig wordt verteld dat het bedreigd wordt, wordt vatbaar voor manipulatie. Zo werd Suriname geestelijk geknecht: niet door een buitenlandse macht, maar door een binnenlandse mythe.

Maar de geschiedenis heeft een grens. Met het heengaan van Bouterse is een hoofdstuk afgesloten dat te lang voortduurde.

Wat achterblijft is niet alleen politieke ruimte, maar ook mentale ruimte, de ruimte om opnieuw te leren kijken, opnieuw te denken, opnieuw te bouwen.

Het staatsbezoek van Willem-Alexander is geen verzoeningsritueel; het is een teken dat Suriname eindelijk vrij is om zélf te bepalen hoe het haar relaties vormgeeft, zonder ideologische ketenen. Vrijheid betekent niet vergeten, maar wel loskomen.

Na 45 jaar is het Surinaamse volk niet langer gevangene van een doctrine. Het staat opnieuw aan het begin van zijn eigen toekomst.

Johan Blomhoff

Protocol, staatsorde en representatie: waarom het optreden van Somohardjo tijdens het staatsbezoek terechte zorgen oproept

Bronto Somohardjo. Foto: DNA

Het staatsbezoek van koning Willem-Alexander en koningin Máxima aan de Republiek Suriname was een moment van hoge symbolische waarde. Staatsbezoeken zijn geen routine; zij vormen internationale momenten van zelfpresentatie waarin vorm, discipline en staatsorde het gewicht van een natie dragen. In zulke settings vertegenwoordigt een spreker niet zichzelf, maar de republiek en haar volk.

Tegen deze achtergrond viel het optreden van fractieleider Bronto Somohardjo des te nadrukkelijker op. Niet door inhoud of belezenheid, maar door duidelijke afwijkingen van de parlementaire normen die het instituut beschermen. In de plenaire zaal van De Nationale Assemblée geldt een onwrikbare basisregel: ongeacht tot wie men zich richt – collega’s, delegaties, bezoekers of, zoals in dit geval, een staatshoofd – men spreekt altijd via de voorzitter.

Dit principe is geen formaliteit; het is een uitdrukking van staatsorde en representatieve discipline. De voorzitter draagt het woord namens het parlement. Zij bewaakt dat het instituut spreekt, niet de individuele politicus.

Ook de gebruikte aanspreekvorm week af van de internationale protocollaire norm: een staatshoofd wordt in deze context aangesproken als ‘Uwe Majesteit’ of ‘Majesteit’, niet als ‘koning’. Zulke details zijn geen kleinigheden; zij vormen de kern van ceremoniële waardigheid.

Het rechtstreeks aanspreken van het Nederlandse staatshoofd was daarom geen teken van lef, maar een fundamentele protocollaire fout. Tijdens een staatsbezoek is de voorzitter niet slechts gespreksleider, maar de hoeder van ceremonieel, orde en gezag. Het omzeilen van die rol verschuift het gewicht van de staat naar persoonlijke profilering – iets wat indruist tegen de kern van parlementaire representatie.

Daarbovenop kwam een inhoudelijke ontsporing. De opmerking over Surinaamse mannen, koningin Máxima en “de Zuid-Amerikaanse vrouw die extra aandacht verdient” miste niet alleen de diplomatieke context, maar ook de waardigheid die bij een staatsceremoniële gelegenheid hoort. In een omgeving waarin precisie, respect en staatsbesef leidend moeten zijn, werkt folklore eerder afleidend dan verbindend.

Wanneer de wereld meekijkt, wordt improvisatie al snel interpretatie — en daarmee representatie. De verspreking waarbij ‘genaturaliseerd’ werd verward met ‘geneutraliseerd’ onderstreepte bovendien een dieper probleem. Het ging niet om één misstap, maar om het zichtbare gebrek aan staatsrechtelijke voorbereiding.

De zelfverzekerde toon van de toespraak kon niet verbergen dat de inhoudelijke basis ontbrak om dit staatsmoment te dragen.

In diplomatie geldt immers: taal is niet bijkomstig – taal ís staatkunde. Wie de fundamentele begrippen niet beheerst, maakt niet alleen inhoudelijke fouten, maar ook vormfouten die het instituut schaden.

Dat sommige burgers het optreden desondanks als ‘open’, ‘authentiek’ of ‘dapper’ waardeerden, maakt deze discussie niet minder relevant. Het onderstreept vooral hoe vaag het maatschappelijk begrip van staatswaardigheid soms is. Representatie is geen kwestie van spontaniteit of persoonlijke charme.

Authenticiteit zonder beheersing is in een diplomatieke context geen kwaliteit – het is een risico voor de geloofwaardigheid van de staat.

Protocollen bestaan niet om afstand te creëren, maar om de staat te beschermen tegen willekeur en persoonlijke profilering op kritieke momenten.

Deze analyse is daarom geen persoonlijke afrekening, maar een oproep tot institutionele rijping. De geloofwaardigheid van Suriname – nationaal én internationaal – wordt niet versterkt door improvisatie, bravoure of persoonlijke anekdotes tijdens momenten van staatsrepresentatie. Zij wordt versterkt door consistentie, vormvastheid, kennis en het besef dat men optreedt namens een natie.

Suriname verdient vertegenwoordigers die erkennen dat zij dragers zijn van een erfenis, een geschiedenis en een staatsorde – en dat staatsmomenten niet bedoeld zijn als persoonlijke podiumruimte. Wanneer protocollen worden genegeerd, wordt ook het gezag van de staat gerelativeerd.

J. Zeldenrust

https://www.srherald.com/ingezonden/2025/12/04/protocol-staatsorde-en-representatie-waarom-het-optreden-van-somohardjo-tijdens-het-staatsbezoek-terechte-zorgen-oproept/