SPEL VAN DE TRIAS POLITICA ZOALS HET HEURT

Patricia Etnel: Ik zal echt voor niemand veranderen

NPS-topper Patricia Etnel, die onlangs de regering opriep om de verhoogde transport-toelagen aan te houden, is blij met de melding van minister Albert Ramdin van Bibis in het parlement. Ramdin, die de tweede coördinator is van de regering in het parlement, stelde dat de regeling wordt aangehouden voor de periode van de solidariteitsheffing. Etnel reageerde door het volgende te stellen.

“Regering chapeau, zo hoort het. De coalitie heeft gevraagd om dit aspect terug te draaien, niet de oppositie. Tijdens de vorige regering hebben wij hier tal van moties gehad en niets is uitgevoerd. Wij gaan ze leren wat coalitie voeren is. Wij gaan ze leren wat het is om voor het volk te voelen. Dat na torie. We zijn geen aanhangsels, dat is em. We zijn blij regering, gaat u voort. Wanneer het goed zal gaan, mag u alles doen zoals het hoort.”

Op beelden was te zien hoe Etnel gekke bekken trok, gericht naar de oppositieleden. De beelden gingen snel viraal op social media. Gevraagd over de expressies stelt Etnel tegenover Dagblad Suriname dat er gefocust moet worden op belangrijke zaken. “Ik zal echt voor niemand veranderen. Ik heb geen probleem met mijn eigen ik. Ik ben echt gelukkig met wat ik ben. Ik leef volgens 10 regels en die staan in alle heilige geschriften. Als ik mij aan die regels houdt, ja dan ben ik een mens die zeker een plek zal vinden in de hemel. Wij mensen focussen ons teveel op zaken die ons geen meter vooruitbrengen. Focus op de toekomst van jezelf, focus op de toekomst van je kinderen. Focus op wie je bent en verander niet omwille van de mens. Ik ben een strijder, een vechter voor het positieve en mijn offers zijn voor een betere toekomst voor Suriname en de Surinamers. Probeert u ook daarop te focussen en uw leven en dat van uw kinderen en kleinkinderen zal er veel beter uitzien”, aldus Etnel.

Asad Mushtaq

https://www.dbsuriname.com/2021/02/09/patricia-etnel-ik-zal-echt-voor-niemand-veranderen/

 

Verhoging vervoerstoelage regeringsleden aangehouden

06-02-2021 07:23

De verhoging van de vervoerstoelage voor regeringsleden is voorlopig aangehouden

De verhoging van de vervoerstoelage van regeringsleden, waaronder de president, vicepresident en ministers, bij het gebruikmaken van hun eigen voertuigen, is aangehouden. Dat is gisteravond besloten in De Nationale Assemblee (DNA). Er was een storm van kritiek op deze maatregel van de regering. Niet alleen vanuit de samenleving, maar ook in het parlement werd dit besluit van de tafel geveegd. Ook een aantal coalitieleden, waaronder Patricia Etnel (NPS), Mahinder Jogi (VHP) en Soerjani Mingoen (VHP), vond dat de verhoging in deze tijd, waar mensen pinaren, niet kan.

De huidige regering heeft de vervoerstoelage al twee keer verhoogd in de acht maanden dat ze aanzit. De eerste keer was op 6 augustus 2020. Toen was het bedrag van SRD 100 gebracht naar SRD 227 voor de ministers, de vicepresident kreeg SRD 335 en de president SRD 400. Bij de nieuwe verhoging, die per 1 januari 2021 is ingegaan, krijgen de ministers per dag SRD 515, de vicepresident 625 en de president 750.

“De president krijgt in een dag aan vervoerstoelage meer dan iemand die bijstand geniet voor een hele maand”, was één van de kritieken. “Ze verdienen al meer dan SRD 20.000 per maand en dan nog krijgen de ministers SRD 15.000 per maand als ze hun eigen auto gebruiken. We verdienen SRD 3.000 per maand en we worden geconfronteerd met een verhoogde brandstofprijs, verhoogde belastingen en prijzen in de winkels”, liet een burger optekenen.

https://www.sun.sr/Details/7160_FO4f3UYo8BAf4AFHzFLW0ljZrOY1TOzxi3BpngKBmovzZaridUTWIXaFaFavRZtuPyFaMxn3QjNX2zCSSpbbFbFbDWhBPQcFcFccFcFc_0301849missieveaan.jpg

DNA-leden plaatsen kanttekeningen aanbesteding LVV

04 Feb, 2021, 12:10

foto

Vijf Assembleeleden (allen VHP’ers) hebben vragen gesteld aan de president over een aanbesteding van het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV) om de Arawarrasluis te renoveren. Zij stellen dat onderhoud van en de reparatie van alle kunstwerken voorkomende op primaire wegen, rivieren of kanalen onder de jurisdictie van Openbare Werken valt. Vier bedrijven hebben meegedaan aan de openbare aanbesteding. De raming van LVV voor dit werk is SRD 11.235.900. Het schijnt dat het werk gegund is aan een aannemer die veel hoger heeft ingeschreven dan het geraamde bedrag.
 
Aan de openbare inschrijving op 11 januari hebben deelgenomen:
1. N.V. Sakira inschrijvingsbedrag SRD 11.788.500
2. A + Quality inschrijvingsbedrag SRD 13.138.000
3. FMM Dahoe inschrijvingsbedrag SRD 17.669.500
4. R. Balwantgir inschrijvingsbedrag SRD 26.983.100
 
Volgens informatie van de Assembleeleden is op 27 januari 2021 in de vergadering van de Onderraad gunningen en aanbestedingen goedgekeurd om dit werk uit te voeren. Mahinder Jogi, Dew Sharman, Nisha Jhakry, Stephen Madsaleh, en Roy Mohan stellen de volgende vragen aan de president.
– Kunt u aangeven waarom bovengenoemde openbare aanbesteding gehouden is door het ministerie van LVV en niet door het ministerie van Openbare Werken conform haar taakstelling.
– Is het juist dat het ministerie van Openbare Werken reeds eerder een bestek klaar had om dit werk openbaar aan te besteden.
 
– Kunt u aangeven of het werk reeds gegund is aan een aannemer.
– Kunt u aangeven welke aannemer voor de uitvoering van het werk zoals vervat in het bestek LVV-CT/RW 02-20 in aanmerking is gekomen.
– Kunt u aangeven wat de argumenten zijn geweest van de minister van LVV om het werk doen gunnen aan een bepaalde aannemer.
– Kunt u aangeven of de argumenten aangedragen door de minister van LVV in de Onderraad vergadering van 27 januari 2021 met betrekking tot de gunning van boven genoemd werk op waarheid berusten.
 
– Is het juist dat in het bestek het bieden van bankgarantie niet vereist was.
– Kunt u aangeven waarom het ministerie van LVV voorbij is gegaan aan de inschrijvingsbedragen zoals aangegeven door N.V. Sarika en A + Quality.
– Is het misschien u bekend dat de aannemer aan wie het werk gegund is op 27 januari 2021 reeds na de inschrijving op 11 januari 2021 begonnen is met de mobilisatie werkzaamheden, om te komen tot uitvoering van het project zoals bovengenoemd bestek is aangegeven.
– Kunt u aangeven wat de redenen kunnen zijn welke de aannemer in kwestie aanleiding heeft gegeven voor directe mobilisatie na de inschrijving van 11 januari 2021 welke gehouden werd op het ministerie van LVV.

Gajadien: Minister OW handelt tegen nationaal belang in

30 Jan, 2021, 00:00

foto
 Assembleelid Asiskumar Gajadien 

Assembleelid Asis Gajadien (VHP) heeft de interventie van president Chan Santokhi gevraagd over de diepte van het uitbaggeren van de vaargeul van de Surinamerivier. Minister Riad Nurmohamed van Openbare Werken (OW) heeft bij de recente aanbesteding een diepte van 4.50 meter opgenomen in het bestek. Gajadien vraagt zich af op grond waarvan de minister deze diepte heeft bepaald, terwijl diverse betrokkenen aangegeven hebben dat voor de ontwikkeling van de economie een diepte van minimaal 5.50 meter vereist is. Het Assembleelid om een reactie gevraagd, zegt aan Starnieuws dat de beslissing van de minister indruist tegen het nationale belang.
 
De volksvertegenwoordiger schrijft in zijn brief aan de president dat de bevaarbaarheid van de Surinamerivier een essentiële spil is in het ondersteunen van de transport economie over de algemene importen en exporten van het land. De bevaarbaarheid van de rivier is een cruciale randvoorwaarde voor het aantrekken van buitenlandse investeringen en verhogen van de lokale verdiencapaciteit komende uit de aanstaande olie & gas investeringen. Eerder is door de president ook al aangegeven hoe belangrijk deze investeringen en verhoogde lokale component zijn binnen de Urgentie- en Stabiliteit fasen (2021/2022) van het uitgezette regeerakkoord.
 
Afgelopen maanden zijn acties ondernomen om te komen tot het daadwerkelijk fysiek voortzetten van het baggeren van de Surinamerivier. De scope en betreffende voorwaarden werken volgens Gajadien belemmerend voor de aspiraties van het uitgezette beleid. Aangezien deze zaak van bijzondere nationale importantie is, ziet de volksvertegenwoordiger graag de beantwoording van deze vragen op zeer korte termijn tegemoet:
 
1. Wat is de basis voor de gestelde diepgang binnen het huidig bestek ad. CD Paramaribo -4.50m?
Het originele project geeft een technische basis van CD Paramaribo van -5.50m. Deze diepgang wordt als minimaal dekkend geacht voor de olie & gas, terwijl een diepgang van CD -6.50m als royaal dekkend wordt geacht. Een diepgang van CD -4.50m wordt derhalve als belemmerend gezien.
 
2. Wat is de basis van de negatieve bijstelling van de hoeveelheden op het project?
De eerder geadverteerde Expression of Interes door OW gaf een richthoeveelheid aan van 1 miljoen m3 bagger, terwijl het bestek thans een hoeveelheid kent van minder dan 0,5 miljoen m3. Dit significante verschil kan zeer drukkend werken op de kosteneffectiviteit van het project (verhouding mobilisatie/demobilisatie kosten versus uitvoeringskosten). Maar meer nog kan het ministerie misleiding worden verweten.
 
3. Binnen de vereiste voorfinanciering van het project, is de vraag welk arrangement gaat gelden voor de te collecteren ‘baggerheffing’?
Deze heffing zal geïnd worden door de Maritieme Autoriteit Suriname. Onbekend is op welke manier de baggeraar
verzekerd zal zijn van uitbetaling en op welke manier deze middelen earmarked zullen zijn specifiek voor de betaling van de baggerwerken.
 
4. Op welke basis is de onderhoudsperiode van 2 jaar gesteld?
Het aantrekken van olie & gas investeringen zijn langlopende inzetten vanuit dergelijke bedrijven. Garantiestellingen zijn derhalve ook langlopend. Beperken van de onderhoud verantwoordelijkheden binnen de huidige aanbesteding kan een verkeerd signaal afgeven aan de internationale partijen die hun langlopende planningen nu aan het vervaardigen zijn. Het risico ontstaat dat de lokale investeringen hierdoor worden beperkt en dat uitgeweken wordt naar ‘verzekerde’ diepgang gebieden.
 
Gajadien vraagt de president dat opnieuw gekeken wordt naar de voorwaarden van het project, opdat in deze urgentie fase al maximaal profijt kan worden getrokken van de lokale verdiencapaciteit, c.q. de Surinaamse samenleving. De politicus antwoordt op een vraag over waarom hij niet gepoogd heeft deze kwestie binnenshuis op te lossen, dat er al drie maanden genoeg signalen zijn gegeven aan de minister. Verschillende betrokkenen hebben uitgelegd dat de diepte essentieel is voor investeerders. Aangezien de minister geen open oor schijnt te hebben, heeft Gajadien besloten om de aandacht van de president te vestigen op deze kwestie.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *