DE RECHTSPRAAK MET HOOFDGERECHTSHOF OF CONSTITUTIONEEL HOF CORRIGEERT DE POLITIEK EN DE ECONOMIE BEPAALT DE POLITIEK.

    09- 03-2020

    Door A. Fernald

Zowel in Guyana als in Bolivia is bij vermeende fraude door de regerende politieke partij, het hooggerechtshof de sturende en beslissende factor geweest. 

In Suriname heeft de regerende politieke partij olv Bouterse er juist alles aan gedaan om de kant van Venezuela op te gaan door direct in een lopend strafproces te willen ingrijpen met allerlei drog middelen en verkeerde interpretaties van de grondwet, zoals het beroemde artikel 148. Doordat even als Venezuela de Nationale Assemblee een verlengstuk va de regring is, hebben de loyale partijleden mett een amnestie wet de rechterlijke macht willen overrulen. Toen niks lukte is op de valreep het Constitutioneel Hof in het leven geroepen, maar alle instrumenten om het hooggerechtshof te beinvloeden zijn in Suriname mislukt. Het is juist het Hof van Justitie die de krijgsraad heeft ondersteund in haar verwerping van de amnestiewet, zijnde dat deze in dat byzondere geval van het lopende strafproces in het 8 december proces, niet  van toepassing is. De krijgsraad kon alzo de amnestiewet naast zich neerleggen in dit ene geval en rustig door gaan met de vervolging van de persoon Bouterse. In Bolivia en Guyana zagen wij na de verkiezingen het hooggerechtshof een cruciale rol vervult. De wereld kijkt actief mee bij democratische verkiezingen, waardoor de rechterlijke instanties ook niet meer bang zijn voor de zittende dictatoriale regiems. Zowel in Bolivia als onlangs in Guyana hebben wij dit mogen aanschouwen. Ik verwijs in dit verband t.a.v. Bolivia naar mijn artikel verschenen in de Suriname Herald. (Gepubliceerd op 14-11-2019 om 18:03
Bron: Suriname Herald)

In een later artikel verschenen in Starnieuws van 14-03-2020, beweert de directeur van het kabinet van de President , dat een gerechtshof in Suriname totaal uit beeld is vanwege ons gesloten juridisch systeem ( zie onderstaand artikel).

Technisch- administratief is de procedure precies vastgelegd, maar dat betekent absoluut niet dat er geen fraude kan worden gepleegd, zodanig dat er door burgers of een politieke partij een beroep op de rechterlijke macht kan worden gedaan. Er kunnen strafbare feiten gepleegd zijn door het hoogste gezag, de regering en dan zal er corrigerend moeten worden opgetreden door de strafrechter indien er een klacht wordt ingediend door een partij. Technisch-administratief is het inderdaad een gesloten juridisch systeem maar daar is dan ook alles mee gezegd. Buiten het gesloten circuit is het andere koek.

 In Suriname probeert de regerende macht het gehele rechtssysteem te verkrachten. Op deze manier kan de gehele rechterlijke macht naar huis. Als wij zien dat de CBvS gevrijwaard wil worden van vervolging door een overeenkomst te sluiten, dan kan in het verlengde van wat de directeur van het kabinet van de President stelt, ook de frauderende regering niet worden aangepakt vanwege een zogenaamd gesloten juridisch systeem. Een juridisch systeem tav een technisch administratieve procedure omtrent hoe de verkiezingen georganiseerd worden en verlopen is heel wat anders dan een politieke regering die fraudeert. Dit valt dan onder het strafrecht en niet onder de administratief technische procedure. Het is volgens het strafrecht dan ook niet mogelijk dat een CBvS strafrechterlijke misdaden wil uitsluiten met een overeenkomst.

Vrijwarings clausule of niet, de FINABANK loogenstraft wat men wil voorkomen en loogenstraft ook de denkwijze van de directeur van het kabinet van de President. ” Finabank wil strafrechtelijk onderzoek tegen van Trikt” (zie onderstaand artikel)

Men maakt valse koppelingen. De CBvS koppelt een zuivere bancaire kwestie van ringfencen aan een strafrechtelijke kwestie van het overtreden van de bankwet, om op onrechtmatige manier aan kasreserves te zijn gekomen en ook nog op onrechtmatige manier te hebben besteedt. De CBvS gebruikt nu deze onrechtmatige daad als een drukmiddel tegen de overige bankiers om de overeenkomst niet te willen tekenen en die te koppelen aan straffeloosheid. Zoalang de banken hen niet straffeloos stellen ondertekenen zij niet. Een vals drukmiddel die strafrechtelijk onhoudbaar is.  En de Finabank breekt deze hele kwestie open.

Valt het doek voor het Constitutioneel Hof? Wet Constitutioneel Hof niet in werking getreden

De Wet Constitutioneel Hof is niet in werking getreden. Het Constitutioneel Hof zou zijn werkzaamheden moeten staken. De president heeft met een resolutie beoogd de Wet Constitutioneel Hof in werking te doen treden. In deze bijdrage komt aan bod in hoeverre de president bevoegd is om het tijdstip van inwerkingtreding van een wet vast te stellen.

Uit de bespreking komt naar voren dat het tijdstip van inwerkingtreding van een wet uitsluitend door de wetgever (dus bij wet) kan plaatsvinden. De gevolgtrekking is dat de Wet Constitutioneel Hof niet in werking is getreden. Het Constitutioneel Hof bestaat nog steeds alleen op papier.

De oproep aan de ‘leden’ van het Constitutioneel Hof is om hun werkzaamheden uit eigen beweging neer te leggen. Indien die leden hun werkzaamheden voortzetten, zouden burgers zich tot de kortgedingrechter moeten wenden.

De uitgebreide bijdrage van het artikel “Valt het doek voor het Constitutioneel Hof? Wet Constitutioneel Hof niet in werking getreden”, kan hier worden gelezen. Een beknopte versie verscheen in Dagblad Suriname van 9 juli 2020.

Mr. Dinesh R. Changoer
info@advocaatchangoer.nl

https://www.srherald.com/ingezonden/2020/07/10/valt-het-doek-voor-het-constitutioneel-hof-wet-constitutioneel-hof-niet-in-werking-getreden/

Geschreven door mr. D.R. Changoer (info@advocaatchangoer.nl), gepubliceerd 9 juli 2020.

 

Een beknopte versie van onderstaande bijdrage is in Dagblad Suriname van 9 juli 2020 verschenen. De President van de Republiek Suriname heeft met een resolutie beoogd de Wet Constitutioneel Hof in werking te doen treden. Of de President bevoegd is om het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet Constitutioneel Hof vast te stellen, komt in deze bijdrage aan bod. Uit de bespreking komt naar voren dat het tijdstip van inwerkingtreding van een wet uitsluitend door de wetgever (dus bij wet) kan plaatsvinden. De gevolgtrekking is dat de Wet Constitutioneel Hof niet in werking is getreden. Het Constitutioneel Hof bestaat nog steeds alleen op papier. 1. Aanleiding: ‘inwerkingtreding’ Wet Constitutioneel Hof Het Constitutioneel Hof1 is een feit. In een plechtige bijeenkomst zijn recentelijk voorzitter, leden en plaatsvervangende leden van dat hof door de uitvoerende macht beëdigd. Uit mediaberichten blijkt dat nog geen week na die officiële gebeurtenis het hof de eerste zaak kon registreren. Assembléeleden van de NDP-fractie hebben de Amnestiewet voor toetsing aan het hof voorgelegd. Een van de indieners, Amzad Abdoel, lijkt opgelucht het volgende te laten optekenen: ‘Laat CHof zijn werk nu eindelijk doen.’2 Die uitlating van Abdoel komt niet uit de lucht vallen. Het hof moet met de Wet Constitutioneel Hof3 handen en voeten krijgen, maar die wet heeft een valse start gemaakt. Struikelblok vormt het voorschrift in de Wet Constitutioneel Hof, waarin is opgenomen dat die in werking treedt op een door de President van de Republiek Suriname4 te 1 Hierna ook: hof. 2 Starnieuws, ‘NDP-fractie laat Amnestiewet toetsen door Constitutioneel Hof’, geplaatst 13 mei 2020, https://www.starnieuws.com/index.php/welcome/index/nieuwsitem/58576. 3 Wet van 4 oktober 2019, S.B. 2019, 118 (Wet Constitutioneel Hof). 4 Hierna ook: President. 2 bepalen tijdstip.5 De Wet Constitutioneel Hof is in het Staatsblad afgekondigd, maar trad met die publicatie niet vanzelf in werking. Het tijdstip van inwerkingtreding van de wet moest afzonderlijk worden bepaald en dat was niet gebeurd. Hiervan onbewust aanvaardde de President een voordracht tot benoeming van de leden van het hof. De benoemingsprocedure werd in gang gezet. 6 In de benoemingsfase, dat is ruim drie maanden na afkondiging van de wet, kwam pas aan het licht dat de wet niet in werking kon zijn getreden. 7 De President bekrachtigt alsnog een resolutie die tot doel heeft een datum van inwerkingtreding van de wet vast te stellen.8 De resolutie van 13 januari 2020 beoogt de Wet Constitutioneel Hof op 14 januari 2020 in werking te doen treden. In de wetenschap dat de wet in werking is getreden, verzoekt de President vervolgens de Nationale Assemblée om kandidaten voor het hof opnieuw voor te dragen. 9 Hierover citeert Ivan Cairo in de Ware Tijd Amzad Abdoel als volgt: Hoogstwaarschijnlijk omdat de wet nog niet in werking was getreden. Dat zou middels een presidentiële resolutie moeten gebeuren. Inmiddels is die resolutie afgekondigd.10 In de Nationale Assemblée ontstaat gesteggel over de voordracht. Uiteindelijk maakt de Nationale Assemblée twee voordrachten. Een lijst met kandidaten is opgesteld door de Assembléeleden die de regering steunen en de andere lijst met kandidaten is afkomstig van de Assembléeleden die tot de oppositie behoren. Na die voordrachten trekken twee kandidaten zich terug, onder wie de kandidaat-voorzitter, waarna uit de beschikbare personen een definitieve selectie voor bemensing van het hof is gemaakt. 5 Art. 38 lid 3 van de wet luidt: ‘Zij treedt in werking op een door de President te bepalen tijdstip.’ 6 Het betreft een voordracht van de Nationale Assemblée, beter gezegd, van de Assembléeleden die de regering steunen. 7 Op het uitblijven van de inwerkingtreding van de wet is gewezen door: D.R. Changoer, ‘Wet Constitutioneel Hof schaadt rechtsbelangen burgers’, geplaatst 13 januari 2020, https://www.starnieuws.com/index.php/welcome/index/nieuwsitem/56498. 8 Resolutie van 13 januari 2020, S.B. 2020, 12. 9 Wet Constitutioneel Hof, S.B. 2019, 118, memorie van toelichting, p. 34 (artikel 38). 10 Ivan Cairo, ‘Blunders voordrachten Constitutioneel Hof worden gecorrigeerd’, geplaatst 19 januari 2020, http://www.dwtonline.com/laatste-nieuws/2020/01/19/blunders-voordrachtenconstitutioneel-hof-worden-gecorrigeerd/. 3 Ondanks de concrete stappen tot activering van het hof, wordt opnieuw11 naar voren gebracht dat de Wet Constitutioneel Hof niet in werking is getreden. Er is op gewezen dat de resolutie van 13 januari 2020 niet tijdig in het Staatsblad is gepubliceerd. De resolutie had vóór de beoogde inwerkingtredingsdatum van de wet, 14 januari 2020, dienen te zijn afgekondigd. Pas op 16 januari 2020 verschijnt de resolutie in het Staatsblad. De resolutie kan de Wet Constitutioneel Hof niet in werking hebben doen treden, zo is met verwijzing naar onder andere de Aanwijzingen voor de Regelgevingstechniek betoogd. 12 Het Constitutioneel Hof heeft inmiddels zijn werkzaamheden aangevangen. De activering van dat hof zorgt ervoor dat in de rechtspleging een nieuwe maatschappelijke realiteit ontstaat. Een nieuwe werkelijkheid hoort echter in overeenstemming met de juridische realiteit te zijn. Mag het hof een aanvang met zijn werk maken? Of de Wet Constitutioneel Hof in werking is getreden, krijgt hierna aandacht. Dat gebeurt door na te gaan of de President de bevoegdheid toekomt om het tijdstip van inwerkingtreding van een wet, in het bijzonder de Wet Constitutioneel Hof, vast te stellen. 2. Grondwet In de Grondwet13 valt te lezen dat in de Nationale Assemblée goedgekeurde ontwerpwetten, die door de President zijn bekrachtigd, na afkondiging kracht van wet verkrijgen. 14 Het bekrachtigen van goedkeurde ontwerpwetten is in de Grondwet uitdrukkelijk als een bevoegdheid van de President opgenomen.15 De bevoegdheid houdt in dat de President onder goedgekeurde ontwerpwetten zijn handtekening plaatst. 16 Na bekrachtiging door de President, kan de volgende stap van afkondiging van een ontwerpwet worden gezet. Een ontwerpwet krijgt met de afkondiging de status van wet en vervolgens moet die wet nog in werking treden. 11 Zie noot 7. 12 D.R. Changoer, ‘Resolutie leidt niet tot inwerkingtreding Wet Constitutioneel Hof’, geplaatst 21 april 2020, https://www.starnieuws.com/index.php/welcome/index/nieuwsitem/58220. 13 Grondwet van de Republiek Suriname, S.B. 1987, 116, laatstelijk gewijzigd S.B. 1992, 38. 14 Art. 80 lid 1 van de Grondwet luidt: ‘Alle ontwerpen van wet, door de Nationale Assemblée goedgekeurd en door de President bekrachtigd, verkrijgen kracht van wet na afkondiging.’ 15 Art. 110 aanhef sub f van de Grondwet: ‘De President is voorts bevoegd tot: (…) f. het bekrachtigen van de goedgekeurde wetsontwerpen en ontwerp-staatsbesluiten;’. 16 Aanwijzingen voor de Regelgevingstechniek, S.B. 1992, 75, Aanwijzing 83, p. 28. 4 Specifiek met betrekking tot de afkondiging en de inwerkingtreding van wetten handelt artikel 118 van de Grondwet. Dat artikel is opvallend genoeg geplaatst in een gedeelte van de Grondwet, dat over de Regering gaat.17 Het grondwetsartikel staat met andere woorden niet in de afdeling die aan de bevoegdheden van de President is gewijd. 18 Artikel 118 van de Grondwet luidt als volgt: De wijze van afkondiging van wetten en staatsbesluiten en het tijdstip waarop zij aanvangen verbindend te zijn, worden door de wet geregeld. Artikel 118 van de Grondwet verlangt dat de wijze van afkondiging van wetten en het tijdstip waarop zij in werking treden door de ‘wet’ worden geregeld. Over een presidentiële ‘resolutie’ wordt hier niet gesproken. De keuze van de grondwetgever om de afkondiging en de inwerkingtreding van wetten door de wet te regelen, brengt mee dat die onderwerpen in de Grondwet zelf niet zijn uitgewerkt. De slotsom is dat een bevoegdheid voor de President om het tijdstip van inwerkingtreding van een wet vast te stellen, niet uit de Grondwet zal kunnen worden afgeleid. 3. Wet op de afkondiging van wetten en staatsbesluiten Vervolgens kan voor een bevoegdheid van de President om het tijdstip van inwerkingtreding van wetten vast te stellen, gezocht worden in de wet die specifiek ter uitvoering van artikel 118 van de Grondwet van toepassing is. Het gaat om de ‘Wet op de afkondiging van wetten en staatsbesluiten’ en artikel 1 luidt als volgt:19 1. De regering kondigt de wetten af door plaatsing in het Staatsblad van de Republiek Suriname. 2. Een wet treedt in werking op de dertigste dag na haar afkondiging, tenzij zij anders bepaalt. 3. Een wet kan niet in werking treden voordat zij is afgekondigd. Uit het tweede lid van artikel 1 van de Wet op de afkondiging van wetten en staatsbesluiten blijkt, dat een wet op de dertigste dag na haar afkondiging in werking 17 Art. 118 van de Grondwet staat in de Tweede Afdeling, De Regering, van Hoofdstuk XIII getiteld De Staatsraad, de Regering, de Raad van Ministers en de leden van de Raad van Ministers. 18 Zie met name Hoofdstuk XII: De President, Tweede Afdeling, Bevoegdheden van de President. 19 Wet van 5 januari 1988, ingevolge artikel 118 van de Grondwet, houdende regels ter afkondiging van wetten en staatsbesluiten, S.B. 1988, 1. 5 treedt, ‘tenzij zij anders bepaalt’. Wat is de betekenis van die zinsnede? De aangehaalde passage heeft betrekking op het afwijken van de regel dat een wet op de dertigste dag na haar afkondiging in het Staatsblad in werking treedt. In een wet kan ervoor worden gekozen om haar bijvoorbeeld op de zevende of veertiende dag na afkondiging in het Staatsblad in werking te doen treden. De passage ‘tenzij zij anders bepaalt’ biedt geen ruimte voor de opvatting dat de vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van wetten aan een ander orgaan, bijvoorbeeld de President, kan worden overgedragen. Hiervoor kan allereerst uit de considerans van de Wet op de afkondiging van wetten en staatsbesluiten worden geput.20 In de considerans wordt slechts gesproken over de noodzakelijkheid om regels vast te stellen voor het tijdstip waarop wetten aanvangen verbindend te zijn.21 Uit de considerans komt niet naar voren dat beoogd is om het tijdstip van inwerkingtreding van afgekondigde wetten mede door een andere regelgever te laten vaststellen. Vervolgens valt nog te wijzen op de memorie van toelichting, die overigens van de toenmalige regering onder leiding van minister-president Wijdenbosch afkomstig is. Ook uit de memorie van toelichting valt niet af te leiden dat een ander orgaan bevoegd wordt om het tijdstip van inwerkingtreding van een wet vast te stellen. In de toelichting zal tevergeefs naar een rol voor de President worden gezocht.22 De gevolgtrekking is dat de 20 Aanwijzingen voor de Regelgevingstechniek, S.B. 1992, 75, o.a. Aanwijzing 73, p. 24. 21 In de considerans is het volgende aan te treffen: ‘In overweging genomen hebbende, dat ingevolge artikel 118 van de Grondwet het noodzakelijk is regels vast te stellen voor de wijze van afkondiging van wetten en staatsbesluiten en het tijdstip waarop zij aanvangen verbindend te zijn.’ 22 De memorie van toelichting, behorende bij de Wet op de afkondiging van wetten en staatsbesluiten, is afgedrukt in S.B. 1988, 1, en luidt:’ De Grondwet van 30 september 1987 schrijft in artikel 118 imperatief voor, dat de wijze van afkondiging van wetten en staatsbesluiten en het tijdstip, waarop zij aanvangen verbindend te zijn bij wet moet worden geregeld. Artikel 118 heeft een tweeledige strekking: 1. de afkondiging [als zodanig] mogelijk te maken van goedgekeurde wetsontwerpen en ontwerpstaatsbesluiten, die algemeen verbindende regels bevatten; 2. het tijdstip, waarop deze wettelijke regelingen aanvangen verbindend te zijn, vast te stellen. Een besluit van een dergelijke importantie kan slechts door de wetgever worden genomen. De afkondiging van dit besluit dient, gezien zijn strekking, op een bijzondere wijze plaats te vinden. De opdracht daartoe is daarom aan de Regering verstrekt in de vorm van een bepaling van dit besluit.’ 6 Wet op de afkondiging van wetten en staatsbesluiten geen grondslag biedt voor de President om het tijdstip van inwerkingtreding van een wet vast te stellen. 4. Wet Elektronische Uitgifte Staats- en Advertentieblad De analyse van de Wet op de afkondiging van wetten en staatsbesluiten zou niet over Suriname gaan, indien op zijn minst een dreigende verrassende wending uitblijft. De regering Bouterse-Adhin heeft gepoogd die wet in te trekken door de Wet Elektronische Uitgifte Staats- en Advertentieblad.23 Alleen de laatstgenoemde wet is op de website van de Nationale Assemblée in het gedeelte over Wetgeving aan te treffen. De afkondiging in het Staatsblad van de Wet Elektronische Uitgifte Staats- en Advertentieblad heeft echter niet tot haar inwerkingtreding geleid. In die wet is opgenomen dat zij op een door de President te bepalen tijdstip in werking treedt.24 Het tijdstip van inwerkingtreding behoort bij wet te geschieden en dat is zeker niet gebeurd. Het voorgaande brengt mee dat de Wet Elektronische Uitgifte Staats- en Advertentieblad geen betekenis toekomt. Zelfs indien een resolutie van de President de Wet Elektronische Uitgifte Staats- en Advertentieblad in werking kan doen treden, geldt dat die resolutie niet is aangetroffen. Mocht de Wet Elektronische Uitgifte Staats- en Advertentieblad alsnog in werking treden, dan zal een algemene regeling voor het tijdstip waarop wetten en staatsbesluiten aanvangen verbindend te zijn komen te vervallen. De Wet Elektronische Uitgifte Staatsen Advertentieblad moet een uitwerking vormen van artikel 118 van de Grondwet, maar bevat alleen bepalingen over de afkondiging van regelgeving. Over het tijdstip waarop wetten en staatsbesluiten in werking treden, rept de Wet Elektronische Uitgifte Staatsen Advertentieblad met geen woord over. Het ontbreken van bepalingen over het tijdstip waarop wetten in werking treden is grondwettelijk onverenigbaar. De interpretatie die de regering-Wijdenbosch aan artikel 118 van de Grondwet gaf, is dat het ‘imperatief’ voorschrijft ‘dat de wijze van afkondiging van wetten en staatsbesluiten en het tijdstip, waarop zij aanvangen verbindend te zijn bij wet moet zijn geregeld.’ Het bezigen van het woord ‘imperatief’ leidt ertoe dat artikel 118 van de Grondwet eist dat bij wet algemene bepalingen over de afkondiging en de inwerkingtreding van wetten moet bestaan. Aan 23 Art. 10 lid 1 sub a van de Wet Elektronische Uitgifte Staats- en Advertentieblad (Wet van 10 september 2015, S.B. 2015, 132). 24 Art. 12 lid 3 van de Wet Elektronische Uitgifte Staats- en Advertentieblad luidt: ‘Zij treedt in werking met ingang van een door de President te bepalen tijdstip.’ 7 een dergelijke grondwettelijke eis voldoet de Wet Elektronische Uitgifte Staats- en Advertentieblad niet. 5. Lagere regelgeving In lagere regelgeving, zoals het Besluit Vormgeving Wettelijke Regelingen, Staats- en Bestuursbesluiten25 en ook de Aanwijzingen voor de Regelgevingstechniek26 heerst de uitgesproken gedachte dat de President het tijdstip van inwerkingtreding van een wet kan vaststellen. Opvallend is dat in beide regelingen een juridische onderbouwing van dat uitgesproken standpunt ontbreekt. Adhin heeft trouwens het Besluit Vormgeving Wettelijke Regelingen, Staats- en Bestuursbesluiten als ‘omstreden’ bestempeld. In het Surinaams Juristenblad geeft Adhin aan dat het besluit een ‘onconventionele’ interpretatie op het gebied van ‘staatsrechtelijke bevoegdheden van de President’ bevat. Adhin schrijft: (…) dat – zonder dat een staatsrechtelijk bevredigende (grond)wettelijke basis ervoor is aangegeven – uitsluitend aan de President de bevoegdheid tot ondertekening van wetten, staatsbesluiten, presidentiële besluiten en resoluties is toegekend (…).27 Het spreekt voor zich dat lagere regelgeving in overeenstemming met de Grondwet en de Wet op de afkondiging van wetten en staatsbesluiten moet zijn. De toekenning in lagere regelgeving van de bevoegdheid aan de President om het tijdstip van inwerkingtreding van wetten vast te stellen, is strijdig met de systematiek van de Grondwet, artikel 118 van de Grondwet en de Wet op de afkondiging van wetten en staatsbesluiten. 6. Conclusie(s) en slotbeschouwing Een bevoegdheid voor de President om het tijdstip van inwerkingtreding van een wet vast te stellen kan geen vanzelfsprekendheid zijn, zelfs indien bij hem de uitvoerende macht berust. 28 Indien in de Grondwet een bevoegdheid aan de President is toegekend, is die uitdrukkelijk genoemd. Ter illustratie kan hier de bevoegdheid van het 25 Staatsbesluit van 6 november 1996, S.B. 1996, 54. 26 Beschikking van de Minister van Justitie en Politie van 21 september 1992 no. 5414, houdende vaststelling ‘Aanwijzingen voor de Regelgevingstechniek, S.B. 1992, 75. Zie o.a. Aanwijzing 147 en 148. 27 J.H. Adhin, ‘Wetgevingstechnische opmerkingen bij het omstreden staatsbesluit van 1996’, Surinaams Juristenblad, 2000, editie juli, p. 10 en voor citaat p. 12. 28 Art. 99 van de Grondwet luidt: ‘De uitvoerende macht berust bij de President.’ 8 bekrachtigen van ontwerpwetten worden genoemd. Met betrekking tot de afkondiging en de inwerkingtreding van wetten heeft de grondwetgever die onderwerpen opvallend genoeg bij de Regering ondergebracht.29 Uit de Grondwet valt af te leiden dat de wijze van afkondiging van wetten en het tijdstip waarop zij in werking treden, door de ‘wet’ zal worden geregeld. De keuze van de grondwetgever om die onderwerpen niet in de Grondwet te regelen, brengt mee dat zij in de Grondwet zelf niet zijn uitgewerkt. Een bevoegdheid voor de President om het tijdstip van inwerkingtreding van een wet vast te stellen, zal niet uit de Grondwet kunnen worden afgeleid. Vervolgens is in de Wet op de afkondiging van wetten en staatsbesluiten uitdrukkelijk een voorschrift voor het tijdstip van inwerkingtreding van wetten gegeven. Daarbij is niet beoogd om een andere regelgever mede bevoegd te maken het tijdstip van inwerkingtreding van wetten vast te stellen. Het is overigens nog maar de vraag of die andere regelgever de President of de Regering zou moeten zijn.30 De conclusie is dat de Wet Constitutioneel Hof niet dertig dagen na haar afkondiging in werking kan zijn getreden, nu zij anders bepaalt. Uit die wet blijkt dat zij in werking treedt op een door de President te bepalen tijdstip. Een juridische grondslag voor de President, via een resolutie, het tijdstip van inwerkingtreding van de wet te bepalen ontbreekt. De resolutie van de President kan niet als effect hebben, dat de Wet Constitutioneel Hof in werking treedt. De wet kan wegens het uitblijven van haar inwerkingtreding geen rechten en plichten in het leven roepen. Hierom hebben voordrachten, benoemingen en beëdigingen niet de beoogde rechtsgevolgen. Het hof is geen voldongen feit, het bestaat alleen op papier. Het hof mag geen aanvang met zijn werkzaamheden maken. 29 In de zaak Veldema was onder meer aan de orde of de President van de Republiek Suriname bevoegd is om de President van het Hof van Justitie te benoemen. Op grond van artikel 141 lid 2 van de Grondwet komt die bevoegdheid aan de Regering toe. De relevante overwegingen zijn gepubliceerd in Hof van Justitie 4 maart 2005, Surinaams Juristenblad 2013, editie april, p. 76-87, in het bijzonder p. 78 (l.k.). 30 In artikel 117 van de Grondwet is o.a. het volgende opgenomen: ‘Door de Regering worden staatsbesluiten vastgesteld.’ Ook hier is niet ‘de President’ gebezigd. Waarom zou de Grondwet in de toekenning van regelgevende bevoegdheid een onderscheid tussen de President en de Regering maken, indien dat onderscheid niet relevant is? Zie in dit verband de interpretatie van de term ‘Regering’ in artikel 141 lid 2 van de Grondwet (noot 29, zaak Veldema). 9 De schijnwerper moet op het hof worden gericht. De ‘leden’ van dat hof zijn aan zet.31 Wij moeten aannemen dat die leden een rechtschapen karakter hebben. Zij zullen een sterk ontwikkeld geweten hebben, zo mag worden verondersteld. De leden behoren zelf tot het inzicht te komen dat zij hun werkzaamheden dienen neer te leggen. Een dergelijke verwachting mag de samenleving koesteren. De samenleving moet de leden van het hof houden aan de woorden die de voorzitter bij gelegenheid van de beëdigingsceremonie heeft uitgesproken. Volgens de voorzitter van het hof kan de samenleving ‘verzekerd’ zijn dat de uitoefening van taken en bevoegdheden ‘rechtstatelijk’ zal plaatsvinden, indachtig de door de leden ‘afgelegde eed en of belofte’. ‘Rechtsstatelijkheid’ zal voor de leden de ‘enige leidraad zijn’, aldus de voorzitter.32 Indien die woorden welgemeend zijn, kunnen de leden niets anders doen dan hun werkzaamheden neerleggen. Burgers zouden de leden van het hof desnoods voor de kortgedingrechter moeten dagen. Een precedent schept de zaak Veldema. In de rechtspraak is aanvaard dat bijvoorbeeld advocaten een ‘rechtens beschermd en te beschermen belang bij een deugdelijke uitoefening van de rechtspraak in Suriname’ hebben. 33 In het licht van de aanstaande toetsing van de Amnestiewet, behoren de nabestaanden van de decembermoorden tot de kring van personen die eveneens een procesbelang hebben. Een dreigende bemoeienis door het hof, dat juridisch slechts op papier bestaat, mag in lopende procedures voor de onafhankelijke rechter geen enkele invloed uitoefenen. In kort geding hoort geëist te worden dat de leden verboden wordt nog langer uit naam van het hof werkzaamheden te verrichten. Een verbodsactie dient onder dreiging van het verbeuren van dwangsommen gepaard te gaan. Alleen een dreiging waarbij het persoonlijk vermogen van de leden van het hof getroffen kan worden, zal ertoe leiden dat zij bij het bepalen van hun gedrag er 31 Hier is bedoeld: de voorzitter, de leden en de plaatsvervangende leden. 32 Nationaal Informatie Instituut, Constitutioneel Hof een feit, geplaatst op 11 mei 2020, video omstreeks 7.21-7.40 en 6.31-6.38 van opname 23.06 minuten, zie https://www.youtube.com/watch?v=fIPSCEY44z0. Zie ook: Ivan Cairo, ‘Rechtsstatelijkheid enige leidraad Constitutioneel Hof’, geplaatst 8 mei 2020, http://www.dwtonline.com/laatstenieuws/2020/05/08/rechtsstatelijkheid-enige-leidraad-constitutioneel-hof/. 33 De aangehaalde passage is gepubliceerd in Hof van Justitie 4 maart 2005, Surinaams Juristenblad 2013, editie april, p. 76-87, in het bijzonder p. 77 (r.k.) en 78 (l.k.). Het rechtsoordeel kan evenzeer voor een procedure tegen de leden van het Constitutioneel Hof opgaan, ongeacht of dat orgaan formeel aan rechtspraak doet. De beslissingen van dat hof kunnen burgers feitelijk in hun fundamentele rechten raken. 10 wel twee keer over na zullen denken. Indien als gevolg van gedragingen van de leden de Staat voor het verbeuren van dwangsommen opdraait, zal de samenleving dubbel nadeel ondervinden. De samenleving is al opgescheept met een slechte wet. Het algemeen belang vergt dat het verbeuren van dwangsommen tot uitsluitend de leden van het hof moet zijn gericht. Het is te hopen dat in de samenleving stemmen opgaan om de Assembléeleden die voor de wet hebben gestemd en de verantwoordelijke regeringsautoriteiten persoonlijk aansprakelijk voor schade te stellen, want pas dan zal het gedrag van politieke ambtsdragers worden beïnvloed.

Caricom: Uitspraak Caribisch Gerechtshof over Guyana respecteren

10 Jul, 2020, 06:39

foto
 Caricom-voorzitter Ralph Gonsalves, premier van St. Vincent & the Grenadines. 

De Caribische Gemeenschap (Caricom) roept alle belanghebbenden op de uitspraak van het Caribisch Gerechtshof (CCJ) te respecteren. Het CCJ heeft woensdag vonnis gewezen in een zaak over het verkiezingsproces in Guyana.

“Het is vier maanden geleden dat de verkiezingen zijn gehouden en het land zit al ruim een jaar zonder parlement. Niemand in Guyana zou dit als een bevredigende stand van zaken beschouwen. We spreken de vurige hoop uit dat er snel een vreedzaam herstel van het normale leven komt.” Dat heeft Caricom-voorzitter Ralph Gonsalves, premier van St. Vincent & the Grenadines, in een verklaring gezegd.

De uitspraak van het Hof zou dan ook zonder verder uitstel moeten leiden tot een verklaring van de verkiezingscommissie van Guyana (Gecom) over de resultaten van de algemene en regionale verkiezingen die op 2 maart 2020 zijn gehouden. “Caricom prijst het voortdurende geduld en de kalmte van de bevolking van Guyana en roept alle belanghebbenden op de rechtsstaat te respecteren.”

VS en Canada over Guyana: 'Geen vertragingen meer'

09 Jul, 2020, 11:36

foto
 Michael G. Kozak (l)van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken en Michael Grant, vertegenwoordiger van Canada. 

Na de uitspraak van het Caribbean Court of Justice (CCJ) woensdag, hebben topfunctionarissen van de Amerikaanse en Canadese regering de Guyana Elections Commission (Gecom) opgeroepen om de winnaar van de stembusgang van 2 maart te verklaren op basis van de hertellingscijfers die een overwinning voor de Opposition People’s Progressive Party (PPP) weergeven. “De Caribbean Court heeft uitspraak gedaan. Het is tijd voor #Gecom om de winnaar van de verkiezing van Guyana te verklaren op basis van de nationale hertelling. De wil van de kiezers in Guyana kan niet worden genegeerd”, tweette Michael G. Kozak, de waarnemend adjunct-secretaris voor zaken op het westelijk halfrond van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken.

Michael Grant, de adjunct-onderminister van Canada voor Amerika, voegde zich bij hem: “Belangrijke uitspraak vandaag (woensdag) van het Caribisch Hof van Justitie over Guyana. Het wordt tijd dat de verkiezingsresultaten worden aangekondigd door #Gecom op basis van de hertelling. Geen vertragingen meer.”

Het CCJ oordeelde woensdag dat het Hof van Beroep van Guyana niet bevoegd was of de macht had om artikel 177, lid 2, van de Grondwet uit te leggen. Het oordeelde ook dat het gebruik van het rapport van 22 juni door Chief Elections Officer Keith Lowenfield om met een document te komen dat laat zien dat de zittende APNU + AFC de verkiezingen heeft gewonnen in plaats van de PPP illegaal was. Het rapport van Lowenfield moet worden verworpen, zei het CCJ.

Voorafgaand aan de uitspraak van het CCJ op woensdag, ontmoetten diplomaten die de machtige ABCE-landen leiden, minister van Buitenlandse Zaken, dr. Karen Cummings, en benadrukten dat de resultaten van de nationale hertelling moeten worden gebruikt om de winnaar van de verkiezingen van 2 maart te verklaren. De bijeenkomst was op verzoek van de Hoge Commissaris van Canada voor Guyana Lilian Chatterjee, de Hoge Commissaris van het Verenigd Koninkrijk Greg Quinn, de ambassadeur van de Verenigde Staten Sarah-Ann Lynch en de ambassadeur van de Europese Unie (EU) Fernando Ponz Cantó.

De diplomaten hebben tijdens de vergadering gewaarschuwd dat er gevolgen zullen zijn als de resultaten niet worden bekendgemaakt met behulp van tabellen uit de nationale hertelling. Na de uitspraak van het CCJ heeft de voorzitter van Gecom, oud-rechter Claudette Singh een vergadering voor vanmiddag belegd met de zes politiek verdeelde commissarissen en de Chief Elections Officer.

Granger: “Er is op grote schaal gefraudeerd bij de verkiezingen”

President David Granger van Guyana

Ondanks de uitspraak van gisteren door de Caribbean Court of Justice (CCJ), vindt de Guyanese president David Granger nog steeds dat er op grote schaal fraude is gepleegd bij de algemene verkiezingen van 2 maart en dat de zaak nu definitief moet worden beslist door de Guyana Election Commission (Gecom).

Het standpunt van Granger zet de Gecom-voorzitter Claudette Singh onder druk, die al heeft gezegd dat het resultaat van de hertelling zal worden bekendgemaakt. Het resultaat van de hertelling toont een overwinning voor de PPP/C van presidentskandidaat Irfaan Ali.

Granger zegt de kwestie is nog niet is afgesloten. “We moeten allemaal geduld hebben. We gingen allemaal uit op 2 maart, maart voorbij, april voorbij, mei voorbij, juni voorbij en nu zijn we in juli. Het is de eerste keer dat dit in de geschiedenis van ons land is gebeurd en het is gebeurd omdat er een aantal slechte elementen zijn die de stemming probeerden te manipuleren door stemmen te laten registreren voor dode mensen (en) mensen die waren gemigreerd, meer stemmen in een stembureau dan ze kiezers hadden”, aldus de president.

Granger zegt dat zijn coalitie alle fouten kent. “Onze partij, ons partnerschap en onze coalitie hebben deze klachten over misbruik en onregelmatigheden onder de aandacht van het publiek en ook bij de rechtbank gebracht”.

Granger zegt dat de kwestie weer op het bord van de Gecom moet worden gezet. “De kwestie zal teruggaan naar de verkiezingscommissie, maar wat ons betreft hebben we bewijs dat er enorme fraude en onregelmatigheden zijn geweest en we zullen de strijd voortzetten om ervoor te zorgen dat uw stemmen worden geteld.”

https://www.srherald.com/buitenland/2020/07/09/granger-er-is-op-grote-schaal-gefraudeerd-bij-de-verkiezingen/

CCJ opent weg voor bekendmaking verkiezingsuitslag Guyana

08/07/2020 18:02 – Ivan Cairo

CCJ-president Adrian Saunders woensdagmiddag bij het uitspreken van het vonnis van het Caribisch Gerechtshof.

CCJ-president Adrian Saunders woensdagmiddag bij het uitspreken van het vonnis van het Caribisch Gerechtshof. Foto: Screenshot CCJ  

PARAMARIBO – Het Caribische Hof van Justitie (CCJ) heeft woensdag een controversiële beslissing van het hof van beroep in Guyana over de verkiezingen in het westerbuurland verworpen. De Guyanese rechtbank had in zijn beslissing over de op 2 maart uitgebrachte stemmen onterecht het woord ‘geldige’ toegevoegd bij het woord ‘stemmen’. CCJ-president Adrian Saunders stelde bij het doen van de uitspraak, dat het Caribisch Hof unaniem van oordeel is, dat het Guyanese vonnis nietig is en geen enkel rechtsgevolg kan hebben.

De rechtbank voerde verder aan dat het rapport van de voorzitter van het centraal hoofdstembureau (CEO) Keith Lowenfield van 23 juni, illegaal is en geen effect heeft. Lowenfield had 115.000 stemmen ongeldig verklaard en geschrapt, omdat naar zijn mening daar onduidelijkheden over waren gerezen tijdens de hertelling. De uitspraak van de CCJ maakt de weg vrij voor Gecom-voorzitter Claudette Singh om onmiddellijk de uitslag van de hertelling bekend te maken, waaruit blijkt dat oppositiepartij PPP/C de verkiezingen heeft gewonnen.

Rechter Saunders uitte grote bezorgdheid dat het verkiezingsproces in Guyana nu al te lang voortsleept. Hij gaf aan dat het nu aan Gecom ligt om het rapport dat hoofdstembureauvoorzitter Lowenfield op 16 juni moest overhandigen op te vragen. De indiening van het rapport kon niet plaatsvinden omdat een aanhanger van regeringspartij APNU een kortgeding aanspande om dat te voorkomen.

Volgens rechter Saunders vallen de zaken die door de advocaat van APNU-lid Edlyn David en APNU-topper Joseph Hamon naar voren zijn gebracht, onder de jurisdictie van het Guyanese hooggerechtshof. Daar moeten zij een ‘petitie’ tegen de verkiezingsuitslag indienen, nadat het resultaat officieel is bekendgemaakt door Gecom, de verkiezingsautoriteit van Guyana. De rechtszaak bij CCJ werd aangespannen door PPP/C-secretaris Bharrat Jagdeo en partijgenoot tevens presidentskandidaat Irfaan Ali.

De magistraat merkte op dat het CCJ zich niet bewust kon zijn van alles wat er sinds december 2018 in Guyana is gebeurd toen de motie van wantrouwen werd aangenomen tegen de APNU+AFC-regering. Hij stelde verder dat er vier maanden na de verkiezingen van 2 maart geen uitslag is is en dat het land al meer dan een jaar zonder parlement zit. Niemand zou tevreden kunnen zijn over deze situatie, meent Saunders. Namens de vijfkoppige rechtbank zei hij: “Nu moeten wet en recht hun beloop hebben”. De uitspraak van het hof werd rechtstreeks via YouTube gestreamd.

http://www.dwtonline.com/laatste-nieuws/2020/07/08/ccj-opent-weg-voor-bekendmaking-verkiezingsuitslag-guyana/



Burundi: President-elect zal onmiddellijk worden beëdigd

13 Jun, 2020, 06:57

foto

 Evariste Ndayishimiye werd vorige maand uitgeroepen tot winnaar van de verkiezingen in Burundi. (Foto: Reuters) 

 

Het constitutionele hof van Burundi heeft ermee ingestemd dat de verkozen president Evariste Ndayishimiye onmiddellijk zal worden beëdigd nu de voormalige leider Pierre Nkurunziza is overleden, zei de regering vrijdag. De grondwet bepaalt dat de parlementsvoorzitter het in een dergelijke situatie overneemt.

De rechtbank oordeelde echter dat “de interim-periode niet nodig is en dat … Ndayishimiye zo snel mogelijk moet worden beëdigd”, zei de regering in een verklaring op Twitter. Er was onzekerheid over wie de leiding had in Bujumbura sinds de regering dinsdag de dood van Nkurunziza aankondigde.

Leidinggevenden van het land hadden zich zorgen gemaakt over mogelijke onenigheid over de opvolging onder de gelederen van de machtige groep generaals van Burundi, die mogelijk een nieuwe ronde van onrust zouden veroorzaken. In de verklaring stond niet wanneer de beëdiging zou plaatsvinden.

Ndayishimiye werd vorige maand uitgeroepen tot winnaar van de verkiezingen in het Centraal-Afrikaanse land en zou officieel worden beëdigd in augustus. Het waren de eerste competitieve presidentsverkiezingen van het land sinds een burgeroorlog in 1993 uitbrak.

Burundi, dat dezelfde etnische mix deelt met zijn buurland Rwanda, is sinds de onafhankelijkheid in 1962 in shock door terugkerende cycli van machtsgrepen, geweld en slachtpartijen.

Nkurunziza was een voormalige rebellenleider wiens heerschappij werd gekenmerkt door wijdverbreide wreedheid en onderdrukking van zijn tegenstanders. De economie van Burundi verslechtert ook nadat donoren, wier hulp een belangrijke bron van overheidsinkomsten was, het land hebben laten vallen te midden van aanhoudende schendingen van de mensenrechten.

'Caricom tolereert geen diefstal van verkiezingen'

11 Jun, 2020, 20:43

foto

 Premier Ralph Gonsalves van Saint Vincent en de Grenadines neemt in juli de voorzittershamer van de Caricom over. 
De Caribische Gemeenschap (Caricom) zal waarschijnlijk een hard standpunt innemen tegen elk van haar lidstaten die proberen verkiezingsfraude te plegen, zei de inkomende voorzitter van de groep. Hij dringt erop aan dat de Verkiezingscommissie van Guyana (Gecom) de winnaar van de op 2 maart gehouden verkiezingen verklaart. Uit een landelijke hertelling van de stemmen blijkt dat de oppositionele People’s Progressive Party (PPP) de verkiezingen met meer dan 15.000 stemmen heeft gewonnen.

“… ongezouten en duidelijk, Caricom is niet van plan te tolereren dat iemand een verkiezing steelt,” zei Ralph Gonsalves, de premier van Saint Vincent en de Grenadines woensdag in een radioprogramma. Hij zal volgende maand het voorzitterschap van het regionale handels- en integratieblok van 15 landen overnemen.

“Als je deelneemt aan een verkiezing, is er altijd een kans dat je verliest, en als je verliest, zoals Sir Arthur Lewis zei ‘neem je verlies als een man’,” verklaarde hij tijdens een interview op NCB-radio in St Vincent.

Met het Caricom-team dat de verkiezingen heeft onderzocht en dat naar verwachting de komende dagen zijn verslag over de hertelling zal uitbrengen, heeft de inkomende voorzitter er bij Gecom op aangedrongen om die resultaten te gebruiken om een winnaar te uit te roepen, aangezien ze geacht worden geloofwaardig geproduceerd te zijn.

“We verwachten dat de Caricom-waarnemersmissie haar rapport zal afleveren en we verwachten dat wat de hertelling heeft uitgewezen, zal worden gehonoreerd.” En dat de Verkiezingscommissie van Guyana die hertelling zal waarborgen en de winnaar zal uitroepen in overeenstemming met deze hertelling.” Gonsalves voegde eraan toe dat iedereen die daarna iets tegenin wil brengen, naar de rechter kan gaan.

De regerende APNU + AFC wordt ervan beschuldigd samen te zweren met functionarissen van de Guyana Elections Commission om de algemene en regionale verkiezingen van 2 maart te manipuleren.

In een recent afgesloten hertelling waaruit blijkt dat de PPP met meer dan 15.000 stemmen wint. Uit de hertelling is ook naar voren gekomen dat de voorzitter van het hoofdstembureau van Regio 4, meer dan 19.000 stemmen voor de APNU + AFC erbij heeft ‘geplakt’ en het aantal stemmen voor de PPP met meer dan 3.000 heeft verminderd in zijn poging om de coalitie een kleine overwinning te bezorgen.

Clairmont Mingo deed dit twee keer, op 4 maart en opnieuw op 13 maart, en de APNU + AFC hadden feest gevierd. Maar nadat de verklaringen van Mingo voor de rechtbank waren aangevochten en een overeenkomst voor een hertelling was bemiddeld, ging een APNU + AFC-kandidaat naar de rechtbank om deze te laten blokkeren. De vordering werd niet gehonoreerd.

Gonsalves maakte deel uit van een vierkoppig Caricom-delegatie van regeringsleiders die naar Guyana reisde om de deal voor de hertelling te bemiddelen. Nadat de APNU + AFC-kandidaat probeerde de hertelling te blokkeren, betoogde Caricom-voorzitter en premier van Barbados, Mia Mottley dat “… er krachten waren die niet willen dat de stemmen om welke reden dan ook opnieuw worden geteld”. De Caricom was vervolgens gedwongen om het top team die het had gestuurd om die hertelling te begeleiden, terug te roepen.

Namens het regionale blok had premier Mottley ook gezegd dat “elke regering die wordt beëdigd zonder een geloofwaardig en volledig transparant stemproces, legitimiteit zou missen”. De Caricom stuurde vervolgens een tweede team en toen de hertelling begon, begon de APNU + AFC aan een campagne om de verkiezingen in diskrediet te brengen door te beweren dat mensen die overleden waren en personen die het land uit waren op de dag van de verkiezingen hadden gestemd. Op basis daarvan wil de APNU + AFC de verkiezingen ongeldig maken.

Maar Gonsalves, een doorgewinterde politicus die in zijn vierde termijn als premier zit, kent deze aantijgingen maar al te goed.

 

Guyana: Regeringscoalitie Granger blijft been stijf houden

09 Jun, 2020, 06:36

foto
 President David Granger en leider van de Alliance For Change (AFC), Khemraj Ramjattan in gesprek. Beide leiders weigeren de resultaten van de verkiezingen in Guyana te erkennen. 


 
Als de tekenen niet bedriegen, zal de regeringsovergang in buurland Guyana nog even duren. De regeringspartij APNU+ AFP van president David Granger heeft maandag het resultaat van de landelijke hertelling van de stemmen van de algemene verkiezingen die op 2 maart zijn gehouden, verworpen. De regerende meerpartijencoalitie die sinds 2015 aan de macht is, heeft de belangrijkste oppositiepartij Peoples Progressive Party (PPP) van verkiezingsfraude beschuldigd. Zij heeft gezegd naar de rechter te stappen om te voorkomen dat de verkiezingscommissie een winnaar bekendmaakt.

De aankondiging komt een dag nadat de commissie de hertelling van ongeveer 400.000 stemmen had afgerond. Daarin zijn ook de betwiste stemmen van 29 dozen uit kustdorpen waarvan de regerende coalitie zegt dat ze alleen stemmen voor de oppositie bevatten. Het zijn deze stemmen die de APNU+AFP ongeldig wil laten verklaren.

De PPP, die een meerderheid van 33 zetels heeft vergaard, heeft de beschuldigingen van fraude afgewezen. Zij staat erop dat voormalig minister van Huisvesting, Irfaan Ali, wordt beëdigd tot de nieuwe president, terwijl de rechtbank vermeende onregelmatigheden oplost. De PPP was 23 jaar aan de macht in Guyana en verloor in 2015 van de regerende coalitie van Granger die een tweede termijn van vijf jaar zoekt.

De verkiezingen worden als de belangrijkste beschouwd sinds Guyana in 1966 onafhankelijk werd van Groot-Brittannie, gezien de recente ontdekking van grote olie-en gasvoorraden in de buurt van de kustlijn. Maar de impasse na de verkiezingen van 2 maart heeft het leven in het land van zo’n 750.000 mensen grotendeels verlamd. Het ministerie van Financiën waarschuwde dat het geen toegang heeft tot fondsen tijdens de coronaviruspandemie, omdat er geen functionerend parlement is. Het parlement werd in december ontbonden. Guyana heeft tot nog toe 154 Covid-19-besmettingen geregistreerd, inclusief 12 doden als gevolg van het nieuwe coronavirus.

PPP/C wint Algemene en Regionale verkiezingen in Guyana

 

…hertelling herbevestigt overwinning

De PPP/C is de winnaar van de Algemene en Regionale Verkiezingen van 2 maart 2020 na de nationale hertelling van de definitieve stembus (#4877) van Regio 4 (Demerara-Mahaica) in het Arthur Chung Conference Centre (ACCC) op zondag.

De PPP/C kreeg meer dan 15500 stemmen meer dan zijn belangrijkste concurrent, A Partnership for National Unity/Alliance for Change (APNU/AFC).

De verkiezingen werden bijgewoond door vertegenwoordigers van alle negen (9) politieke partijen die de verkiezingen betwistten, waarnemers van de Caribische Gemeenschap (Caricom), de Organisatie van Amerikaanse Staten (OAS) en lokale waarnemers, waaronder de Commissie voor de particuliere sector en de Amerikaanse Kamer van Koophandel (AMCHAM).

Op 2 maart was de oorspronkelijke telling van de stembiljetten vlot verlopen en in negen (9) regio’s afgerond met de PPP/C aan kop.

De telling van Statements of Poll (SOP’s) werd echter onderbroken in District Four (Demerara-Mahaica) nadat Returning Officer Clairmont Mingo was overgestapt van de wettelijke procedure – die zorgt voor transparantie waar elke SOP – dat wil zeggen elke SOP moest worden getoond aan de aanwezige belanghebbenden om een vergelijking met hun kopieën mogelijk te maken.

Mingo is echter overgestapt op een procedure waarbij de vermeende cijfers van de standaardwerkvoorschriften in een geconsolideerde spreadsheet worden opgenomen. Dit leidde tot onmiddellijke oproepen tot transparantie van zowel lokale als internationale waarnemers.

Na een beroep te hebben gedaan op het Hooggerechtshof, toen alle partijen met uitzondering van APNU/AFC protesteerden tegen de truc die een inflatie van de stemmen voor die partij in de hand werkte.

Na een beslissing van het Hooggerechtshof werd Mingo bevolen om terug te keren naar de voorgeschreven procedure, maar hij herhaalde zijn uitvlucht in een andere versie en diende totalen in die substantieel verschilden van die van andere partijen en had de APNU/AFC als winnaar gesteld in plaats van de PPPC.

De voorzitster van GECOM, gepensioneerde rechter Claudette Singh stemde in met een hertelling van alle stemmen, die was voorgesteld door de interim-president David Granger en goedgekeurd door de leider van de oppositie, Bharrat Jagdeo, na een interventie van verschillende Caricom-leiders. Sindsdien hebben beide leiders de resultaten van de hertelling opnieuw geaccepteerd.

Nu het proces van de hertelling is afgerond, hebben stemmen uit de binnenlandse en internationale gemeenschap – lokale kerkleiders, de Commissie voor de particuliere sector, het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken, ambassadeurs van de VS, de EU, het Verenigd Koninkrijk, Caricom en de OAS – opgeroepen om de hertelling door alle partijen te laten aanvaarden, zodat de nieuwe regering, die door het volk van Guyana is gekozen, op vreedzame wijze kan worden geïnstalleerd.

https://www.dbsuriname.com/2020/06/07/ppp-c-wint-algemene-en-regionale-verkiezingen-in-guyana/?utm_source=ReviveOldPost&utm_medium=social&utm_campaign=ReviveOldPost&fbclid=IwAR1Q7Befzy7H_9rhT1BTWAPrtkG-vjVpwk44w0N8IuXZqe6DpAPmXmp5tck

Guyana Times: 'PPP/C wint verkiezingen Guyana'

07/06/2020 22:42 – Van onze redactie

Bharrat Jagdeo (l) en David Granger (r) tijdens een ontmoeting in maart 2019.

Bharrat Jagdeo (l) en David Granger (r) tijdens een ontmoeting in maart 2019. Foto: kaieteurnewsonline  

PARAMARIBO – Terwijl volgens Guyana Times de verkiezingen in Guyana zondag zijn gewonnen door de People’s Progressive Party/Civic (PPP/C) van oppositieleider Bharrat Jagdeo, maken Kaieteur News en Guyana Chronicle bekend dat de zittende president David Granger liever de officiële uitslag afwacht. De algemene en regionale verkiezingen in Guyana vonden op 2 maart plaats, maar werden overschaduwd door manipulatieve praktijken.

Volgens Guyana Times was de PPP/C zondag verzekerd van de overwinning na de hertelling van de laatste stembus van regio 4 (Demerara-Mahaica). Echter, Guyana Chronicle meldt eveneens zondag dat Granger, die zich herkiesbaar heeft gesteld, zich nog niet gewonnen geeft en de bevolking heeft opgeroepen om te wachten op de officiële uitslag van de Guyanese verkiezingscommissie (Gecom).

Kaieteur News schrijft dat Granger weigert de uitslag van de hertelling te accepteren. In een verklaring schreef hij dat het verkiezingsproces bewust is gemanipuleerd. Volgens deze krant hadden eerder APNU/AFC-woordvoerders, premier Moses Nagamootoo en campagneleider Joseph Harmon gesteld dat het verkiezingsproces niet geloofwaardig was. Op 17 mei had Granger tijdens zijn laatste persmoment gezegd zich bij elke uitslag neer te zullen leggen.

In aanwezigheid van vertegenwoordigers van alle negen politieke partijen bleek PPP/C zondag in het Arthur Chung Conference Centre (ACCC) 15.500 stemmen meer te hebben gehaald dan zijn voornaamste rivaal, A Partnership for National Unity/Alliance for Change (APNU/AFC). Bij de hertelling waren ook waarnemers van de Caribische Gemeenschap (Caricom), de Organisatie van Amerikaanse Staten (OAS) en lokale waarnemers van onder meer de private sector en Amerikaanse Kamer van Koophandel (AMCHAM) aanwezig.

Na de stembusgang op 2 maart was het tellen van stemmen in negen regio’s al afgerond – PPP/C had toen een duidelijke voorsprong – toen er in regio 4 werd afgestapt van de wettelijke procedure. Zowel internationale als lokale waarnemers wees op het gebrek van transparantie bij de nieuwe werkwijze. Bij die aanpak waren de resultaten duidelijk verschillend en had ineens APNU/AFC een voorsprong in plaats van de PPP/C.

Uiteindelijk stemde Gecom-voorzitter Claudette Singh in met de hertelling van alle stemmen, zoals voorgesteld door Granger en na instemming van Jagdeo. Ook verschillende Caricom-leiders hadden zich met de zaak bemoeid. Beide politici – Granger en Jagdeo – beloofden toen de uitslag van de hertelling te zullen accepteren.

Terwijl de hertelling gaande was, riepen religieuze leiders en de private sector van Guyana, maar ook de ambassadeurs van de Verenigde Staten, de Europese Unie, Groot-Brittannië, Caricom en OAS partijen op zich neer te leggen bij de uitslag. Daarmee kon volgens hen de kabinetswissel vlekkeloos plaatsvinden en werd de keuze van het Guyanese volk geaccepteerd.

Jagdeo, president van Guyana van 1999 tot 2011, is secretaris-generaal van de PPP/C. Zijn partij heeft Irfaan Ali en Mark Phillips voorgedragen als respectievelijk president en premier. Granger is sinds 2015 president van Guyana. Hij had zich herkiesbaar gesteld. Daarvoor was hij commandant in het Guyanese leger en veiligheidsadviseur van 1990 tot 1992.

http://www.dwtonline.com/laatste-nieuws/2020/06/07/guyana-times-pppc-wint-verkiezingen-guyana/

 

GEEN REACTIE OP GEVRAAGDE STOPZETTING FINANCIELE STEUN RECHTERLIJKE MACHT

May 22, 2020

Het wachten is op een reactie van het Kabinet van de President met betrekking tot de opmerkelijke petitie die de afgelopen week is overhandigd aan president Desi Bouterse.

Dit gebeurde tijdens de opening van de nieuwe snelweg in het district Para. In de brief vraagt de belangengroep aan het staatshoofd om onder andere de rechterlijke macht financieel te straffen als sanctie tegen het opschorten van de Valutawet. De president kreeg de petitie na de formaliteiten overhandigd van de ‘gewone mensen die het voelen’. Opvallend is dat de groep bestond uit mensen die vrijwel allemaal bekende gezichten zijn binnen coalitiepartij NDP of dichtbij de president zijn.

“Dit is geen organisatie. Het zijn gewoon Surinamers van overal. Van Para, Paramaribo, Wanica, Commewijne. De initiatiefnemers zijn gewoon een paar jonge mensen die het voelen”, zegt Marcel Oostburg die een begeleidende rol van ‘de groep jongeren’ invulde. Hij zegt ook behoorlijk in de financiële problemen te zijn geraakt vanwege de op hol geslagen wisselkoers. “Ik heb een hypotheek van 5000 Euro en ik heb al 5000 Euro betaald. Nu moet ik rente betalen. Vanwege de hoge koers kon ik het niet betalen. Ik ben een paar maanden achter, maar er komt elke maand 100 Euro bij. Nu is mijn saldo 2500 Euro en 2500 x SRD 20 is al SRD 50.000. Dit terwijl ik die SRD 50.000 al heb betaald. Dat is het probleem”, zegt Oostburg die geen onbekende is binnen de NDP en de entourage van president Bouterse.

“Wij eisen daarom dat de regering van Suriname de financiële steun aan de rechterlijke macht stopzet, die bewezen heeft enge politieke belangen te verkiezen boven de bescherming van de burgers van Suriname en gaat over de orde van de dag”, luidt de eis die als punt 4 is opgebracht in de petitie.

President Bouterse zegt de petitie serieus te nemen en dat actie niet zal uitblijven. “We gaan snel handelden”, aldus het staatshoofd die de bal kaatst naar Eugene van der San, Directeur op het Kabinet van de President. “Ten aanzien van punt 4 zal ik u adviseren”, stelde van der San. Het ‘snel handelen’ van president Bouterse heeft tot en met 22 mei, officieel de laatste werkdag vóór de verkiezingen, nog niet plaatsgevonden. De staat is wel in hoger beroep gegaan tegen de opschorting van de wet. Dit was ook opgenomen in de petitie.

https://unitednews.sr/geen-reactie-op-gevraagde-stopzetting-financiele-steun-rechterlijke-macht/

Guyana: 108 stembussen geteld, nieuwe aanklachten verschillen

09 May, 2020, 15:50

foto

 Stembussen worden uit de containers gehaald. (Foto: Gecom) 

 

Drie dagen na het begin van de nationale hertelling van de stemmen van de verkiezingen die op 2 maart zijn gehouden, zijn tot en met vrijdag in totaal 108 stembussen geteld. De Guyana Elections Commission (Gecom) begon woensdag met de hertelling waar aanvankelijk 25 dozen werden verwerkt; op donderdag werden nog eens 40 dozen geteld en op vrijdag 43.
 
Vrijdag werden tien stembussen geteld in Kiesdistrict 1; tien uit Kiesdistrict 2; uit Kiesdistrict 3 werden 11 geteld en van Kiesdistrict 4 waren dat er 12. Dit brengt het totaal aantal dozen dat tot nu toe is geteld op 108; dit is ongeveer 5% van de 2.339 dozen die worden heropend en geteld in het hertellingsproces. Maar bij deze tellingen zijn er dagelijks beschuldigingen van discrepanties.
 
De door de regerende APNU + AFC benoemde commissaris Vincent Alexander beweerde dat er één doos was met meer stemmen dan het aantal doorgestreepte personen. Alexander zei dat dit neerkomt op een ernstige discrepantie die door Gecom moet worden aangepakt.
 
Maar zijn collega-commissaris Sase Gunraj zei dat hij meende dat daar een verklaring voor zou kunnen zijn. Hij zei dat wanneer het proces is voltooid, het aantal stemmen in die doos van belang is. “Die stemmen zitten in de doos, dus het moet ergens vandaan komen, waar komt het vandaan?“, vroeg Gunraj.
 
Irritaan Ali, de presidentskandidaat van de Progressive Party van de People’s Progressive Party, reageerde ook op de kwestie en opperde dat er mogelijk stemmen in een doos waren die niet afkomstig waren van de personen op de lijst. Hij zei dat de stemmen afkomstig zouden kunnen zijn de orde-diensten die met elkaar vermengd waren of van personen die met een werkvergunning stemden.
 
Ali beweerde dat de nummers al waren afgetekend door belanghebbenden en dat er een geldige verklaring moet zijn. Er waren verschillende andere claims van discrepanties door partijagenten die aan het proces deelnamen.

Valutawet opgeschort: aangenomen wet niet zelfde als afgekondigde

06 May, 2020, 01:01

foto

 
Kantonrechter in kort geding Sylvana Bradley heeft gisteren in het voordeel van zes leden van De Nationale Assemblee (DNA) beslist. Zij heeft de toepassing c.q. verbindendheid dan wel rechtskracht opgeschort van de Wet Controle Valutaverkeer en Transactiekantoren (WCVT – kortgezegd valutawet). Dit totdat het “Constitutioneel Hof over de grondwettelijkheid dan wel niet-grondwettelijkheid” en dus de geldigheid ervan beslist. 
 
De eisers: Asiskumar Gajadien, Riad Nurmohamed, Jitendra Kalloe, Djoties Jaggernath (VHP), Patricia Etnel en Marlon Budike (NPS), bijgestaan door advocaat Gerold Sewcharan dienden op 27 maart een kort geding in tegen de Staat Suriname. Zij stelden dat de valutawet ongrondwettelijk en niet geldig is, omdat dat DNA nooit over de valutawet heeft gestemd. 
 
DNA-voorzitter Jennifer Geerlings-Simons heeft op zaterdag 21 maart 2020 rond vier uur in de ochtend de stemming van de wet aangekondigd met: “We gaan stemmen over de wet houdende wijziging van de Wet Toezicht Geldtransactiekantoren S.B. 2012, no. 170”, gaven de eisers aan. 
 
Aangenomen wet en afgekondigde wet 
De valutawet is dus niet in stemming gebracht en kan dus ook niet zijn goedgekeurd door het parlement. Er is slechts gestemd over de wijziging van de Wet Toezicht Geldtransactiekantoren. De Staat, vertegenwoordigd door Advocaat Kathleen Kraag-Brandon heeft dat niet ontkend. Het is volgens de rechter dus niet aannemelijk dat de door de president afgekondigde valutawet, een wet is die door het parlement zou zijn aangenomen.
 
De rechter stelde: “Gelet hierop is het vooralsnog niet aannemelijk dat de aanname met algemene stemmen van de in stemming gebrachte wet op 21 maart 2020 betrekking heeft op de door de president afgekondigde Wet Controle Valutaverkeer en Transactiekantoren.”
Brandon vroeg de rechter onder meer om de eisers niet-ontvankelijk te verklaren in hun vordering, omdat er “geen sprake is van ongrondwettigheid van de WCVT”. Zij voerde ook aan dat de kantonrechter geen toetsingsrecht toekomt. 
 
Verschillende initiatiefvoorstellen, één wet aangenomen
Op 24 februari 2020 is er in DNA een initiatiefvoorstel ingediend voor de wijziging van de Wet Toezicht Geldtransactiekantoren 2012. Op 20 maart volgde een tweede: de initiatiefnemers dienden een wijzigingsnota op het voorstel van 24 in. 
Een dag later – in de vroege ochtend van 21 maart dienden zij weer een wijzigingsnota in voor hetzelfde initiatiefvoorstel van 24 februari. Echter werd in deze nota niet meer vermeld dat het om een wijziging gaat van de wet van 2012, maar om de verdere ordening van valutatransacties en het valutaverkeer, een wijziging van de Wet Controle Valutaverkeer en Transactiekantoren. 
 
Er waren dus verschillende wijzigingsnota’s en het blijkt dat er op 21 maart is gestemd voor de eerste: de wijziging van de Wet Toezicht Geldtransactiekantoren. Deze wijziging behelst alleen een verhoging van de straffen en boetes bij overtreding van die wet.
 
Het parlement meldde zelf dat de Wet Controle Valutaverkeer en Transactiekantoren is goedgekeurd met algemene 26 stemmen. Deze wet – waar dus feitelijk niet over is gestemd, niet is goedgekeurd en dus niet bestaat, werd wel doorgestuurd naar de president voor bekrachtiging.
 
Inhoudelijke relevante verschillen
De nota van wijziging van 21 maart, betrof een heel nieuwe wet. Het was geen wijziging meer van de wet van 2012, zoals oorspronkelijk was beoogd. De gedaagde erkende dat het intitule van het voorstel van 21 maart afwijkt van dat van het voorstel van 24 februari, maar dat die twee ontwerpwetten (van 24 februari en van 21 maart) wel hetzelfde doel nastreven.
 
De rechter gaf aan dat dit standpunt wel opgaat voor de doelen van de voorstellen van 20 en 21 maart, maar dat er inhoudelijk relevante verschillen zijn tussen die twee. (In het vonnis zijn de tekstdelen van de twee voorstellen geciteerd).
De rechter stelde echter dat zonder de valutawet inhoudelijk te beoordelen, het al in het oog springt dat er geen overeenkomst is tussen deze wet en het voorstel van 24 februari. De rechter stelde dat de gedaagde zelf had aangegeven dat er “ingrijpende en drastische wijzigingen” op het voorstel van 24 februari zijn geweest, die hebben geresulteerd in het uiteindelijke voorstel van 20 en 21 maart.
 
Beslissing rechter
De parlementariërs gaven aan dat de samenleving de afkondiging van de WCVT niet beschouwt “als een haar dienend belang”. De Staat zei hierover: “het feit dat enkele bedrijven en banken hun deuren gedurende een dag gesloten hebben gehouden voor het publiek” levert geen bewijs voor hun stelling. 
 
De rechter achtte het “in het algemeen belang dat mogelijk verdere toepassing van de WCVT wordt voorkomen nu vooralsnog de rechtsgeldigheid van de wet niet vaststaat”. Zij besliste conform de (primaire) eis van de parlementariërs. 
 
Wet Toezicht Geldtransactiekantoren niet ingetrokken of gewijzigd
De rechter ging evenwel niet mee met de andere eis van de DNA-leden, die opschorting of schorsing vroegen van de valutawet totdat de rechter in bodemprocedure over de werking van enkele wetsartikelen heeft beslist. Ze merkte op dat tussen partijen onweersproken is dat “uit de tekst van de WCVT niet volgt noch blijkt dat de Wet Toezicht Geldtransactiekantoren S.B. 2012, no. 170 is ingetrokken en aldus ongewijzigd en onverminderd van toepassing is”. 
 
De rechter heeft de valutawet inhoudelijk niet behandeld. De eisers gaven aan dat zij de zaak zullen voorleggen aan het Constitutioneel Hof. Dit hof is bevoegd te toetsen of wetten al dan niet in strijd zijn met de grondwet of verdragen.
Het vonnis in kort geding is uitvoerbaar bij voorraad. Al zou de Staat hoger beroep instellen, de ten uitvoerlegging kan niet worden gestopt.

Guyana: Hertelling stemmen start vandaag

06 May, 2020, 06:06

foto

 
De hertelling van de stemmen van de algemene en regionale verkiezingen van 2 maart in Guyana begint vandaag. Meer dan twee maanden is de officiële uitslag van de verkiezingen nog uitgebleven. Een verdacht opgesteld proces verbaal van kiesdistrict vier bracht de onzekerheid van een ongeloofwaardige uitslag met zich mee.
 
De Guyana Verkiezingscommissie heeft na een aantal vergaderingen de afgelopen week het operationele plan en de definitieve order voor de hertelling voltooid. De hertelling zal worden live worden uitgezonden. Bij elk van de tien telcentra zal er een lokale en een buitenlandse waarnemer zijn gedurende elf uren.
 
De hertelling begint vandaag en zal worden elke dag worden voortgezet inclusief in weekenden en feestdagen van 8 uur ‘s morgens tot 7 uur ‘s avonds. Voor de hertelling zijn 25 dagen uitgetrokken. Onder de waarnemers is ook een team van de Caricom.

Resolutie leidt niet tot inwerkingtreding Wet Constitutioneel Hof

21 Apr, 2020, 01:54

foto
 Dinesh Changoer 

Dinesh Changoer betoogt dat de Wet Constitutioneel Hof geen rechtskracht heeft verkregen. De resolutie van 13 januari 2020 is niet tijdig door het Staatsblad afgekondigd. De resolutie moest op 13 januari 2020 in het Staatsblad verschijnen om de Wet Constitutioneel Hof op 14 januari 2020 in werking te laten treden. De resolutie is in het Staatsblad pas op 16 januari 2020 afgekondigd en daardoor kan de Wet Constitutioneel Hof niet in werking zijn getreden.  
 
1. Inleiding
Starnieuws berichtte de afgelopen dagen dat de president van de Republiek Suriname binnenkort tot benoeming en installatie van de leden van het Constitutioneel Hof zal overgaan 1. Het middelpunt bij de voorbereiding tot activering van het Constitutioneel Hof eist een resolutie van de president. In de resolutie van 13 januari 2020 staat onder meer 2:   
Vast te stellen 14 januari 2020, als datum van inwerkingtreding van de Wet van 4 oktober 2019, ter uitvoering van artikel 144 lid 4 van de Grondwet van de Republiek Suriname (Wet Constitutioneel Hof) (S.B. 2019 no. 118). 
 
De resolutie van 13 januari 2020 beoogt dus de Wet Constitutioneel Hof 3 op 14 januari 2020 in werking te laten treden. Deze resolutie kan echter niet hebben meegebracht dat de Wet Constitutioneel Hof op 14 januari 2020 in werking is getreden. 
 
2. De niet-tijdige afkondiging van de resolutie 
Om de Wet Constitutioneel Hof in werking te laten treden, moest de resolutie van 13 januari 2020 tijdig in het Staatsblad worden afgekondigd. De resolutie moest voor de beoogde inwerkingtredingsdatum van de Wet Constitutioneel Hof in het Staatsblad worden afgekondigd. Het betekent in dit geval op 13 januari 2020. Dat is niet gebeurd. De resolutie verschijnt in het Staatsblad pas op 16 januari 2020. De datum van afkondiging blijkt uit bladzijde 2 van de publicatie in het Staatsblad: ‘Uitgegeven te Paramaribo, de 16e januari 2020’.4 
 
De resolutie van 13 januari 2020 kan de Wet Constitutioneel Hof niet op 14 januari 2020 in werking hebben doen treden, want op 13 januari 2020 was nog niets in het Staatsblad daarover te lezen. 
Om de niet-tijdige afkondiging van de vastgestelde datum van inwerkingtreding van een wet te ondervangen, is speciaal in Aanwijzing 148 van de Aanwijzingen voor de Regelgevingstechniek een oplossing aangedragen: 5 
 
Deze wet/dit staatsbesluit treedt in werking met ingang van 1 september 1989 [in ons voorbeeld 14 januari 2020], met dien verstande dat, indien het Staatsblad waarin deze wet/dit staatsbesluit wordt geplaatst, na 31 augustus 1989 [in ons voorbeeld 13 januari 2020] wordt uitgegeven, zij/het in werking treedt met ingang van de dag volgende op die van haar/zijn afkondiging (…). 
 
Een tekst als hier weergegeven ontbreekt in de resolutie van 13 januari 2020.6 Hierdoor kan de resolutie van 13 januari 2020 niet hebben meegebracht dat de Wet Constitutioneel Hof op 17 januari 2020 (een dag na publicatie in het Staatsblad) alsnog inwerking is getreden. De resolutie kan de Wet Constitutioneel Hof niet in werking hebben doen treden. De Wet Constitutioneel Hof ontbeert rechtskracht. 
 
3. Slot
Voorstanders van de Wet Constitutioneel Hof dienen er rekening mee te houden dat over de rechtskracht van deze wet niet alleen het Constitutioneel Hof zal oordelen. Het lot is zeker niet in eigen handen. Het Hof van Justitie en de kantonrechters zullen in het kader van hun bevoegdheid en de ontvankelijkheid van eiser, zich uitspreken over de vraag of de Wet Constitutioneel Hof rechtskracht heeft verkregen. Het verdient de voorkeur om het streven tot activering van het Constitutioneel Hof te staken en bij een nieuw kiezersmandaat na de verkiezingen, weer op te pakken. 
 
mr. D.R. Changoer 
(info@advocaatchangoer.nl)
 
 1 Starnieuws.com, ‘Gloria Stirling voorgedragen als voorzitter Constitutioneel Hof’, geplaatst 16 april 2020.
 2 Resolutie van 13 januari 2020, S.B. 2020, 12. 
 3 Wet van 4 oktober 2019, S.B. 2019, 118 (Wet Constitutioneel Hof). 
 4 S.B. 2020, 12. Zie verder: Aanwijzingen voor de Regelgevingstechniek, S.B. 1992, 75, Aanwijzing 83, p. 28, ‘de dagtekening van de afkondiging, luidende: “Uitgegeven te Paramaribo, de …”.’ 
 5 Aanwijzingen voor de Regelgevingstechniek, S.B. 1992, 75, Aanwijzing 148, p. 63. 
 6 In de toelichting bij Aanwijzing 148 is het volgende te lezen: ‘Voor de inwerkingtredingsbepaling van een resolutie (…) kan in bijzondere gevallen een formulering analoog aan die van een wet (…) worden gebruikt.’ 

VS: Guyana heeft "nu meer dan ooit" regering nodig

16 Apr, 2020, 18:36

foto

 Ambassadeur Michael Kozak, waarnemend adjunct-minister voor aangelegenheden op het Westelijk Halfrond van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken. 

 

Washington blijft de ontwikkelingen in Guyana op de voet volgen. Ambassadeur Michael Kozal, waarnemend adjunct minister van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken, zei in zijn laatste verklaring over de verkiezingscrisis dat Washington achter de Organisatie van Amerikaanse Staten (OAS) staat voor een geloofwaardige hertelling van alle stemmen. In Guyana zijn op 2 maart 2020 algemene en regionale verkiezingen gehouden, maar het resultaat is door een aantal perikelen nog niet bekend. Het Hooggerechtshof heeft een landelijke hertelling bevolen.
 
“Het is zes weken geleden dat er in Guyana verkiezingen werden gehouden zonder resultaat. De VS staat achter de OAS en dringt er bij Gecom (Guyana Elections Commission) op aan zo snel mogelijk een hertelling uit te voeren.” Kozak vervolgde op zijn officiele Twitter-account: “Guyanese burgers hebben een regering nodig die meer dan ooit is gekozen op basis van een geloofwaardige telling van hun stemmen.”
 
De Amerikaanse regering heeft via haar ambassadeur in Guyana, Riyad Insanally, op 26 maart haar harde standpunt herhaald dat zij geen enkele regering zal accepteren die wordt ingezworen op verkeerde verkiezingsresultaten. Washington blijft volhouden dat het proces-verbaal de verkiezingen in Guyana heeft ontsierd. Het heeft opgeroepen tot een nationale hertelling die president David Granger had geïnitieerd onder toezicht van de Caricom.
 
Kozak had op 6 maart erop aangedrongen dat geen enkele kandidaat moet worden beëdigd totdat de problemen rondom de verklaring van niet-geverifieerde resultaten voor het grootste kiesdistrict van het land zijn opgelost. Internationale regeringen, waaronder het Verenigd Koninkrijk, Canada en de Europese Unie, samen met waarnemers van het Gemenebest, de OAS, de EU en Caricom hebben allemaal gezegd dat als de verificatie van kiesdistrict vier niet is voltooid, het resultaat van de verkiezingen niet geloofwaardig zullen zijn.
 
Details hertelling onduidelijk
Inmiddels heeft het Hooggerechtshof opgedragen de landelijke stemmen opnieuw te tellen. De Guyanese Verkiezingscommissie is nu de details van een nationale hertelling aan het bespreken.
 
Keith Lowenfield, de Chief Elections Officer, had aanvankelijk voorgesteld om op drie werkstations te tellen, waarbij voor elke stembus twee uur was afgetrokken. Er moeten 2.339 stembussen worden geteld. Maar omdat er opschudding is ontstaan over de tijd die de hertelling in beslag zou nemen, heeft Lowenfield nu voorgesteld om de telling op vijf werkplekken te laten plaatsvinden. Hij heeft echter niet aangegeven hoeveel dagen dat zal duren.
 
Sase Gunraj, een commissielid van de oppositiepartij, heeft voorgesteld om in 20 werkstations te tellen. Vincent Alexander van de regerende APNU+AFC heeft dan weer acht werkstations voorgesteld.
 
APNU + AFC-commissarissen staan ​​erop dat het meer moet zijn dan het tellen van de uitgebrachte stemmen. Ze willen dat het grootste deel van het hele proces van  de verkiezingsdag wordt herhaald. Dat zou betekenen dat de lijst van kiezers voor elk stembureau moet worden gecontroleerd om te zien hoeveel namen zijn gemarkeerd als stemmers. Als er bijvoorbeeld 10 namen zijn gemarkeerd, zitten er dan slechts 10 stembiljetten in de doos? Zijn er stembiljetten vernietigd? Waren er ongeldige stembiljetten? Waren de ongeldige stembiljetten echt ongeldige stembiljetten? En wat als er onregelmatigheden worden ontdekt? Wat gebeurt er nu? Ook dat blijft een vraag.
 
Volgens Alexander is het de bedoeling om de stemmen uit de 10 kiesdistricten gelijktijdig te laten tellen en vervolgens een cumulatief resultaat te laten bepalen. De Commissie komt vandaag bijeen. Het blijft onduidelijk of er een definitieve overeenkomst over de hertelling zou worden gemaakt.

Gloria Stirling voorgedragen als voorzitter Constitutioneel Hof

16 Apr, 2020, 02:46

foto

De jurist Gloria Karg-Stirling is voorgedragen als voorzitter van het Constitutioneel Hof door De Nationale Assemblee. Rechter Jimmy Kasdipowidjojo heeft zich teruggetrokken als kandidaat-voorzitter voor het Constitutioneel Hof. Hij was in eerste instantie voorgedragen door de coalitie. 

Kasdipowidjojo heeft bedankt als kandidaat-lid en voorzitter voor het Constitutioneel Hof. Toen hij benaderd werd voor de functie, had hij het belang benadrukt van een breed gedragen voordracht. Dit was zijn enige voorwaarde om in te stemmen indertijd. Toen bleek dat hij slechts door de coalitie was voorgedragen, trok hij zich terug, nadat de voordrachten goedgekeurd werden door de president. De oppositie had ook eigen kandidaten naar voren geschoven. 
 
Naast Stirling zijn voorgedragen Kenneth Amoksie als ondervoorzitter. Hij kwam voor op de lijst van de oppositie en is een voordracht van de ABOP. Als leden zijn voorgedragen: Anoeradha Akkal-Ramautar, Maya Fokké-Manohar en Rinette Djokarto. De plaatsvervangende leden zijn: Bien Sojo, Roy Chitanie en Jornell Vinkwolk. 
 
Starnieuws verneemt dat de voordrachten gedaan door De Nationale Assemblee, intussen goedgekeurd zijn. Het antecedentenonderzoek is nu gaande. Binnenkort zal overgegaan worden tot benoeming en installatie van de leden, waarna het Constitutioneel Hof in werking kan treden. 

Kasdipowidjojo treedt terug als kandidaat-voorzitter Constitutioneel Hof

01 Apr, 01:45

foto
 Pagina 2 van de brief van rechter Jimmy Kasdipowidjojo aan Assembleevoorzitter Jennifer Geerlings-Simons. Hij heeft zich teruggetrokken als kandidaat-voorzitter voor het Constitutioneel Hof. 


 
Rechter Jimmy Kasdipowidjojo heeft zich teruggetrokken als kandidaat-voorzitter voor het Constitutioneel Hof. Hij maakte zijn besluit al in januari bekend aan Assembleevoorzitter Jennifer Geerlings-Simons. Afgelopen maandag bevestigde hij zijn terugtreding in een brief aan Simons. 
 
Kasdipowidjojo was in december 2019 voorgedragen door de NDP-fractie om dit rechtsorgaan te leiden. In zijn brief herhaalt hij dat hij niet meer beschikbaar is als kandidaat-lid en voorzitter voor het Constitutioneel Hof. Voordat hij ‘ja’ zei tegen zijn kandidaatstelling heeft hij tijdens de voorgesprekken, het belang benadrukt van een breed gedragen voordracht. “Deze voorwaarde is dan ook mijn enige geweest om in te stemmen met mijn voordracht”, staat in zijn brief. 
 
Hij is ervan uitgegaan dat zijn ervaring bij de Democracy Unit (DU) op de Anton de Kom Universiteit van Suriname, het proces om te komen tot een breed gedragen ondersteuning voor zijn voordracht in DNA zou vergemakkelijken. Achteraf gezien maakte hij een verkeerde inschatting, geeft Kasdipowidjojo aan. In de media is steeds verwezen naar zijn functie als plaatsvervangend lid van het Hof van Justitie. Zijn kennis en ervaring als docent, decaan van de Faculteit Maatschappij Wetenschappen en DU-voorzitter bleven onderbelicht. Volgens Kasdipowidjojo zijn deze zaken juist doorslaggevend geweest “voor het benaderen van mijn persoon bij deze voordracht”.
 
Ongewild en ongewenst
De door de NDP voorgedragen Kasdipowidjojo betreurt dan ook dat het Hof hierdoor als “onafhankelijk en onpartijdig rechtsprekend instituut ongewild en ongewenst” is meegenomen in de perikelen rond de voordracht en benoeming van de voorzitter en leden van het Constitutioneel Hof.
 
Kasdipowidjojo was secretaris en daarna voorzitter van de DU en werkte met diverse politici samen aan het creëren van een breed draagvlak onder politieke partijen om te werken aan dit wetenschappelijk universiteitsproject. Voornaamste doel was het bevorderen en versterken van democratische processen bij de besluitvorming binnen politieke partijen. Vorig jaar februari werd hij beëdigd als plaatsvervangend lid van het Hof en fungeert als rechter in de strafsector. Hij bedankte in zijn brief de Assembleeleden voor het gestelde vertrouwen in hem.
 
Voordracht van DNA
Volgens artikel 2 van de Wet Constitutioneel Hof worden de voorzitter, de vicevoorzitter, de leden, alsmede de plaatsvervangende leden van het Hof op voordracht van DNA, voor een periode van vijf jaren door de president benoemd. De wet spreekt niet van voordrachten van de coalitie en/of oppositie.
 
Op 23 december stemde de coalitie voor haar lijst met kandidaten. Hierop stonden de namen van Kasdipowidjojo, Gloria Karg- Stirling (ondervoorzitter), Anoeradha Akkal – Ramautar, Magda Hoever – Venoaks en Maya Fokké – Manohar (leden). En als plaatsvervangers werden voorgedragen Rinette Djokarto, Bien Sojo en Jornell Vinkwolk. Een dag later stuurde de coalitie alleen deze voordrachten door naar president Desi Bouterse. 
 
De oppositie was woedend over de werkwijze van de coalitie; haar voordrachten zijn niet besproken in de huishoudelijke vergadering en dus ook niet doorgestuurd naar de president. De voordrachten van de oppositie waren: Sarswatie van der Hoef-Ramlagansing, Henry Mac Donald, Geetapersad Gangaram Panday, Kenneth Amoksi en Roy Chitanie. Kandidaat Harish Monorath werd vanwege de leeftijdsgrens van 40 jaar vervangen door Ronny Oemar.
 
Op 9 januari gaf de president aan dat hij akkoord gaat met DNA-voordrachten en het proces van benoeming inzet. Maar op 17 januari stuurde de president weer een brief naar DNA met het verzoek om alle voordrachten opnieuw te doen. Er was een procedurele fout gemaakt. Bouterse had de inwerkingtreding van de Wet Constitutioneel Hof nog niet afgekondigd. De wet moet eerst in werking treden, alvorens de voordracht en benoeming kan plaatsvinden. De coalitie had geblunderd met haar voordracht en had daarmee de president die akkoord was gegaan, in verlegenheid gebracht. 
Op 17 januari is tijdens de huishoudelijke vergadering in De Nationale Assemblee besloten beide voordrachten voor bemensing naar het Constitutioneel Hof naar de president te sturen. 

Bram Moszkowicz mag niet terugkeren als advocaat

Bram Moszkowicz

UPDATEBram Moszkowicz mag zijn oude beroep als advocaat niet oppakken. Dat heeft het Hof van Discipline vanochtend besloten. Ruim vier maanden geleden werd bekend dat de in 2012 uit het ambt gezette ex-strafpleiter een verzoek had ingediend om terug te keren als advocaat.

 
Volgens het Hof heeft Moszkowicz ‘niet op overtuigende wijze laten zien dat hij zijn gedrag blijvend heeft veranderd en heeft hij daar geen overtuigende waarborgen voor gegeven’. Ook vindt het Hof dat ‘de huidige financieel onduidelijke positie van Moszkowicz van invloed kan zijn op zijn onafhankelijkheid’.

Het Hof doelt daarbij op het feit dat Moszkowicz’ praktijk in 2015 failliet werd verklaard. ,,Onduidelijk is of daar privé nog vorderingen uit kunnen voortvloeien.” Dat kan Moszkowicz’ onafhankelijkheid als advocaat in gevaar brengen, oordeelt het Hof van Discipline.

Het Hof onderkent wel dat Moszkowicz zijn gedrag gedeeltelijk heeft veranderd, maar vindt de voorgenomen organisatorische maatregelen om nieuwe ontsporingen te voorkomen onvoldoende.

‘Oude koek’

Wat moet je dan wel doen om terug te mogen keren?

Bram Moszkowicz

In een eerste reactie zegt Moszkowicz’ advocaat Ernst van Win dat het verwijzen naar vroegere faillissementen ‘echt oude koek’ is. ,,De curatoren in zowel zijn zakelijke als zijn privé-faillissement hebben duidelijk laten weten dat er geen enkele vordering meer is op meneer Moszkowicz. Alles is keurig afgehandeld.”

Moszkowicz zelf zegt in een schriftelijke verklaring ‘dat hij na gesprekken met rechters, advocaten en oud-toezichthouders vol vertrouwen het verzoek had ingediend om terug te mogen keren als advocaat’. ‘Zij kwamen met mij tot de conclusie dat ik er na zeven jaar klaar voor was. Gelet op al die waarborgen rijst de vraag wat je dan wel moet doen om weer terug te mogen keren’, aldus Moszkowicz. ‘Een tweede kans is mij niet gegund. Dat betekent dat ik geen toga meer zal dragen.’ 

Moszkowicz zou het in de toekomst overigens nog een keer kunnen proberen, maar het is dus zeer de vraag of hij dat gaat doen.

Moszkowicz besluit zijn verklaring met de constatering dat het in deze verwarrende tijd niet moeilijk is om te relativeren en spreekt zijn medeleven uit aan iedereen die hard geraakt is door de huidige crisis.

Beklaagd

Moszkowicz werd in 2012 geschorst omdat hij contante betalingen niet zou hebben gemeld aan de Orde van Advocaten, omdat zijn bedrijfsvoering niet duidelijk was en omdat hij diverse jaarrekeningen niet zou hebben overgelegd. Ook een aantal cliënten had zich over de raadsman beklaagd. Hij had diverse cliënten onvoldoende bijgestaan terwijl zij daar dik voor moesten betalen.

In 2013 viel het doek ‘definitief’ toen het Hof van Discipline in hoger beroep zijn schorsing handhaafde. Daarna trad Moszkowicz een tijdlang op als deskundige bij RTL Boulevard en probeerde hij het even in de politiek, als lijsttrekker van VNL.

Juridisch adviseur

Sinds een aantal jaar werkt Moszkowicz op het kantoor van Nienke Hoogervorst als juridisch adviseur. Nienke Hoogervorst is zijn vriendin. Haar kantoor is gevestigd in Hilversum, de reden waarom Moszkowicz zijn verzoek bij de Orde in de regio Midden-Nederland had ingediend.

De 59-jarige telg uit de beroemde advocatenfamilie van vader Max maakte in het verleden naam als advocaat van onder anderen Desi Bouterse, Johan V. alias De Hakkelaar, Willem Holleeder en Geert Wilders. Zijn flamboyante gedrag overschaduwde nogal eens zijn advocatenwerk. Meerdere keren werd hij er in het verleden van beticht te amicaal te zijn met sommige van zijn beruchte cliënten.

https://www.ad.nl/binnenland/bram-moszkowicz-mag-niet-terugkeren-als-advocaat~ab39f651/

 

Ook Canada spreekt zich uit over situatie Guyana

29 Mar, 2020, 12:32

foto
 Michael Grant, de adjunct-directeur en senior analist bij Global Affairs Canada. 

Een hoge Canadese regeringsfunctionaris heeft duidelijk gemaakt dat Canada geen regering zal erkennen die de wil van het Guyanese volk niet weerspiegelt. Michael Grant, de adjunct-directeur en senior analist bij Global Affairs Canada tweette vrijdag op zijn officiële account dat Canada de situatie in Guyana nauwlettend volgt.
 
Grant zei dat Canada vindt dat een hertelling van de stemmen die op 2 maart zijn uitgebracht noodzakelijk is. “We volgen de juridische procedures in verband met de verkiezingen in Guyana nauwlettend. Wij vinden dat een hertelling van de stemmen nodig is om ervoor te zorgen dat elke stem wordt geteld. De wil van het volk moet volgens Canada worden gerespecteerd om de legitimiteit van een naar behoren gekozen regering te erkennen”, twitterde Grant.
 
De resultaten van de verkiezingen blijven controversieel, aangezien het procesverbaal in Guyana’s grootste kiesdistrict – regio vier – door oppositiepartijen, internationale verkiezingswaarnemers en buitenlandse mogendheden als frauduleus werd beschouwd.
 
De Europese Unie, de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk hebben allemaal gedreigd met sancties tegen Guyana als een president wordt beëdigd op basis van frauduleuze resultaten.
 
Een overeenkomst tussen de oppositieleider en de zittende president, David Granger, voor een onder toezicht van de Caricom gehouden nationale hertelling van stemmen is sindsdien geblokkeerd door het Hoge Gerechtshof na een verzoek daartoe door één van de eigen kandidaten van de president. Deze zaak ligt nog steeds de aandacht van de rechtbank.
 
Soevereine staat
Het Guyanese ministerie van Buitenlandse Zaken heeft intussen bekendgemaakt dat zijn ambassadeur in de Verenigde Staten, Riyad Insanally, heeft gesproken met de Amerikaanse waarnemend minister van Buitenlandse Zaken, Michael Kozak. Het onderwerp was de situatie van de algemene en regionale verkiezingen in Guyana. “In dit verband, en ten behoeve van alle internationale partners en vrienden, wenst het ministerie van Buitenlandse Zaken te bevestigen dat Guyana een soevereine rechtsstaat blijft.”
 
Het stelt dat de algemene en regionale verkiezingen op 2 maart 2020 werden gehouden volgens de grondwet en de wetten van Guyana. Het verkiezingsproces wordt geleid door de Guyana Elections Commission (Gecom), een onafhankelijk orgaan, dat constitutioneel is gemachtigd om vrije, eerlijke en transparante verkiezingen te leiden en te beheren.
 
Guyana zegt de rol en het werk van alle uitgenodigde waarnemers te waarderen. Het merkt op dat de uitvoerende macht van de regering heeft nooit geprobeerd Gecom op enigerlei wijze te beïnvloeden, te verstoren of te instrueren. Het verkiezingsproces is nog niet voltooid en Gecom heeft geen verklaring afgelegd.
 
De uitvoerende macht heeft volgens de verklaring van het ministerie van Buitenlandse Zaken “oprecht en te goeder trouw geprobeerd een weg voorwaarts te vinden” door het Caricom-team uit te nodigen voor een hertelling. De Hoge Raad is benaderd en is tussenbeide gekomen; zijn uitspraken, die nog worden afgewacht, zullen worden gerespecteerd in overeenstemming met de grondwet en wetten van Guyana. “Er is geen sprake van een schending van de rechtsstaat in Guyana. De coalitieregering APNU + AFC blijft bestaan ​​totdat een opvolger is verklaard en in haar plaats is beëdigd.”

Guyana: Nationale hertelling, OAS wil krachtig signaal

Publicatie datum: 15 mrt 2020 | Bron: Starnieuws

Francine Baron, minister van Buitenlandse Zaken en voormalig procureur-generaal van Dominica; Anthony Boatswain, voormalig minister van Financiën van Grenada en Cynthia Barrow-Giles, hoofddocent bij de afdeling Overheid van UWI. Het hoofd van de verkiezingswaarnemingsmissie voor de Organisatie van Amerikaanse Staten (OAS), Bruce Golding, heeft er bij de secretaris-generaal op aangedrongen een krachtig signaal af te geven om de geloofwaardigheid van de verkiezingen van 2 maart in Guyana te waarborgen. Er is een algehele hertelling van alle tien kiesdistricten in Guyana afgedwongen. De verkiezingscommissie van Guyana (Gecom) heeft alle stembussen uit alle andere kiesdistricten al overgebracht naar Georgetown, met uitzondering van kiesdistrict vijf waar een hertelling al was begonnen. Zij is bezig de stembussen van locaties in kiesdistrict vier ook naar haar hoofdkantoor in Kingston, Georgetown te verplaatsen.

De hertelling van de stemmen volgt op een controverse over het stemtabel in kiesdistrict vier. Een Caricom-team dat is ingevlogen op verzoek van president David Granger en oppositieleider Bharrat Jagdeo zal de hertelling begeleiden. In een verklaring vandaag zei de OAS dat het hoofd van de missie de secretaris-generaal van de OAS op de hoogte heeft gesteld van de gebeurtenissen ter plaatse. Hij benadrukt dat het belangrijk is ervoor te zorgen dat er een krachtige boodschap wordt verzonden over “de urgentie van het bepalen en veiligstellen van de wil van de mensen van Guyana.” Na het verkiezingsproces heeft de OAS haar missie uit Guyana gehaald.

De organisatie zegt dat het ingenomen is met de interventie van de Caricom. In kiesdistrict vijf werd een hertelling op verzoek van de APNU+AFC later ingetrokken en werd het proces stopgezet. Er wordt ernaar gestreefd om die dozen met de stembiljetten terug te sturen naar Georgetown. De stembussen worden met begeleiding van de politie van Guyana vervoerd en vertegenwoordigers van de politieke partijen vanaf de centrale locaties waar ze zijn opgeslagen. De verkiezingscommissie maakt zich op voor een nationale hertelling van de stemming die zijn uitgebracht tijdens de verkiezingen op 2 maart 2020.

De commissie zal vandaag nog bijeenkomen om te beslissen over de verdere stappen in het proces. Team Caricom ingevlogen Het hoge team van de Caricom dat is aangesteld om toe te zien op de national e hertelling is gisteravond aan boord van een Caribisch militair toestel gearriveerd in Guyana. Het team is samengesteld door Caricom-voorzitter en premier van Barbados, Mia Mottley op verzoek van president Granger met instemming van oppositieleider Jagdeo. Het team bestaat uit: Francine Baron, minister van Buitenlandse Zaken en voormalig procureur-generaal van Dominica; Anthony Boatswain, voormalig minister van Financiën van Grenada;  Cynthia Barrow-Giles, hoofddocent bij de afdeling Overheid van UWI; en de belangrijkste verkiezingsfunctionarissen van Barbados en Trinidad. Het team is uitgenodigd na een zeer controversiële telling van stemming in kiesdistrict vier, die volgens lokale en internationale waarnemers niet transparant was.

Gecom, die het proces beheert, heeft zaterdagavond besloten dat het de aankomst van het team zou afwachten, hen zou ontmoeten en zou beslissen over het vervolgtraject. Gecom-voorzitter rechter Claudette Singh heeft opperrechter Roxane George zaterdag beloofd dat zij de hertelling van de stembiljetten voor kiesdistrict vier zou vergemakkelijken. Ze zei dat de verbintenis nu is versterkt met het verzoek van het hoge onafhankelijke Caricom-team om toezicht te houden op de hertelling van de stembiljetten voor district één tot en met district tien.

“Ik verwelkom dit initiatief en verzeker eenieder dat Gecom volledig zal meewerken aan het proces,” zei ze.. . .

https://surinamenieuwscentrale.com/content/guyana-nationale-hertelling-oas-wil-krachtig-signaal

 

President Granger winnaar verkiezingen Guyana

President Granger van Guyana

President David Granger van Guyana heeft de verkiezingen gewonnen. Zijn coalitie APNU + AFC heeft na een hertelling van de stemmen in kiesdistrict 4 de algemene en regionale verkiezingen met een ruim verschil aan stemmen gewonnen van de oppositionele partijen verenigd in de PPP/C.

Na meer dan een week van confrontaties en juridische acties, werden de stemmen voor kiesdistrict 4 voor de algemene en regionale verkiezingen vrijdagavond uiteindelijk uitgesproken door verkiezingsfunctionaris Clairmont Mingo, te midden van een zware politieaanwezigheid op het hoofdkantoor van de Guyana Elections Commission (Gecom).

Volgens de verklaring van de Gecom-functionaris behaalde APNU + AFC het hoogste aantal stemmen bij zowel de algemene als de regionale verkiezingen, gevolgd door de PPP/C van de oppositionele presidentskandidaat Irfaan Ali.

Bij de algemene verkiezingen behaalde APNU + AFC 136.057 stemmen in kiesdistrict 4 (Demerara-Mahaica), terwijl de PPP/C 77.231 stemmen haalde. Ondertussen behaalde de APNU + AFC bij de regionale verkiezingen 130.289 stemmen, terwijl de PPP/C 74.877 stemmen haalde.

In een proces dat alom als frauduleus wordt bestempeld, werd het aantal stemmen voor kiesdistrict 4, met behulp van fictieve cijfers en wazige verklaringen die niemand kon zien, vrijdagavond afgekondigd, wat de weg vrijmaakte voor de beëdiging van president Granger voor een nieuwe termijn met als gevolg mogelijke isolatie en sancties door de internationale gemeenschap.

De Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk, Canada, de Europese Unie, waarnemers van het Gemenebest, de Organisatie van Amerikaanse Staten, het Carter Center en de Caricom, hebben gezegd dat als de verificatie van kiesdistrict 4 niet volgens de procedures zou worden afgerond, zouden de verkiezingsresultaten niet geloofwaardig zijn. De nieuwe president zou dan niet als legitiem worden erkend als staatshoofd van Guyana.

https://www.srherald.com/buitenland/2020/03/14/president-granger-winnaar-verkiezingen-guyana/

Finabank wil strafrechtelijk onderzoek tegen Van Trikt

14 Mar, 2020,  03:42

foto

   

 

De Finabank NV heeft vrijdag een verzoekschrift ingediend bij het Openbaar Ministerie (OM) om onderzoek naar de door de bank toevertrouwde vreemde valuta kasreservemiddelen aan de Centrale Bank van Suriname (CBvS). Het geld is onrechtmatig gebruikt. De bank vraagt het OM voor een strafrechtelijk onderzoek tegen de ex-govenor Robert van Trikt. Hij is vanaf 6 februari in verzekering gesteld voor malversaties, witwassen en wurgcontracten. 
De Finabank is de eerste bank die om een strafrechtelijk onderzoek vraagt naar de moederbank en de ex-governor. Vernomen wordt dat het ingediende verzoek een lijvig document is met tal van klachten tegen Van Trikt, die de directe verantwoordelijke was. De overige banken hebben nog geen strafklacht ingediend voor onderzoek naar hun specifiek aandeel binnen de gebruikte US$ 100 miljoen vreemde valuta kasreserve van de handelsbanken.
 
Eerder verklaarden Eblein Frangie, voorzitter van de Surinaamse Bankiersvereniging tevens CEO van de Finabank, en Rafiek Sheoradj Panday penningmeester tevens CEO van de Hakrinbank in het programma Welingelichte Kringen op 16 februari 2020 op Radio ABC, dat banken nagaan of zij individueel een strafklacht zullen indienen tegen Van Trikt. Hij heeft zich als governor niet gehouden aan het voorschrift dat door hem uitgevaardigd was over de kasreserve. Deze mocht niet worden aangewend voor importen of interventies. Finabank zal in elk geval een strafklacht indienen, kondigde Frangie toen al aan. 
 
Vanaf 26 januari is de SBV bezig de overgebleven US$ 330 miljoen aan kasreserve te ringfencen en te onderhandelen over een terugbetaalcontract voor de gebruikte US$ 97 miljoen termijndeposito. Starnieuws verneemt dat de CBvS een vrijwaringsclausule in het contract wil hebben. Niemand van de CBvS, de leiding en de raad van commissarissen, mag civielrechtelijk noch strafrechtelijk worden vervolgd. Intussen is het ringfencecontract getekend, maar de terugbetaling is nog niet in orde. 
 
Over het oneigenlijk gebruiken van de vreemde valuta kasreserve van de handelsbanken hebben eerder activiste Xaviera Jessurun en de politieke partij DA’91 een verzoekschrift ingediend voor een strafrechtelijk onderzoek, maar dan tegen minister Gillmore Hoefdraad van Financiën. 
 
De partij Strei! ging een stapje verder in haar verzoekschrift en heeft meerdere strafbare feiten aangehaald, waaronder verduistering van geld of geldwaardig papier, diefstal, statutair verboden transacties, vervalsing van bescheiden, bewijsstukken, aannemen van giften of beloften, dwang van ambtenaren en ongeoorloofde verrijking. Het OM heeft deze strafklachten al in behandeling genomen.

 

Centrale Bank wil diefstal straffeloos maken

Centrale Bank van Suriname. Foto: Flickr

Onlangs hebben wij in de media vernomen dat de Centrale Bank van Suriname (CBvS) een vrijwaringsclausule wil hebben in de overeenkomst met de lokale banken, inzake de terugbetaling van de veronderstelde gestolen of verduisterde kasreserve van US$ 100 miljoen.

De CBvS zit al weken aan tafel met de lokale banken, om de terugbetaling van de US$ 100 miljoen te bespreken en in een overeenkomst vast te leggen. Tot nu toe heeft men geen overeenstemming kunnen bereiken. Waarom? De CBvS wil een civiel- en strafrechtelijke vrijwaringsclausule in de overeenkomst met de lokale banken.

Wat houdt deze vrijwaringsclausule in?
Dit houdt in dat de CBvS wil dat de CBvS, haar bestuurders en alle betrokkenen bij de CBvS niet aansprakelijk gesteld kunnen worden voor de verdwijning van de kasreserve. Je kunt geen schadeclaim indienen voor geleden verliezen.

Verder wil de CBvS dat, ook indien mocht blijken dat er daadwerkelijk gestolen of verduisterd is, de betrokken personen geen straf krijgen. Dus een diefstal of verduistering vanuit de CBvS wil men legaal (straffeloos) maken met deze overeenkomst.

Mooi is dat. Je bent taxichauffeur en je verdient je inkomsten met de auto die je daarvoor gebruikt. Je gaat op vakantie naar het buitenland en geeft jouw auto aan een vriend om erop te letten totdat je weer terug bent. Tijdens je afwezigheid verkoopt de vriend jouw auto en maakt het geld op. Als je terug bent van vakantie, ontdek je dat je auto verkocht is en dat de verkoopopbrengst ook verdwenen is. Dit is verduistering, het is strafbaar en je kunt drie jaar ervoor gevangenisstraf krijgen.

Door ‘verdwijning’ van de auto, kun jij je beroep als taxichauffeur niet meer uitoefenen en je lijdt een enorme schade daardoor. Je kunt jouw gezin niet meer verzorgen.

Je vraagt jouw vriend hoe het zit en hij zegt: “Luister noh boi, ik wil je wel binnen acht jaar terugbetalen, maar dan onder de voorwaarde dat ik geen enkele schade betaal, en ook onder de voorwaarde dat de politie mij niet oppakt”. Ik hoor u al denken, dat dit niet acceptabel is. Het kan toch niet zo zijn dat iemand zoiets doet en ook nog een grote mond wil hebben dat hij geen enkele schade betaalt en dat hij niet strafbaar mag zijn? Het kan toch ook niet zo zijn dat zo iemand zelf de voorwaarden van terugbetaling wil bepalen?

De situatie zoals geschetst in het bovengenoemde voorbeeld, is aan de orde bij de CBvS. De CBvS wil geen enkele aansprakelijkheid voor geleden verliezen en ze willen ook dat niemand strafbaar mag zijn, ook al zouden ze verduisterd of gestolen hebben. Met een overeenkomst willen ze een eventuele verduistering of diefstal legaal maken (legaliseren).

Kan dat?
Neen. Zo een overeenkomst zou in strijd zijn met de wet (Wetboek van Strafrecht). Anders zou iedereen met een overeenkomst het hele Wetboek van Strafrecht buitenwerking kunnen stellen. Het moet niet gekker worden dan het al is.

Als de CBvS en de betrokkenen aldaar weten dat zij niets gedaan hebben, waarom willen zij dan straffeloosheid afdwingen bij een overeenkomst? Hieruit valt af te leiden dat zij heel goed weten wat zij gedaan hebben en dus ook bewust zijn van het risico van strafvervolging en/of schadeclaims. Overigens getuigt dit weer van een valse start van de nieuwe governor.

Als de banken hiermee akkoord gaan, is de geloofwaardigheid van het totale systeem in gevaar. Er is dan geen enkele strafdreiging voor een eventuele diefstal of verduistering van uw banktegoeden. Gevolg: uw geld is dan nergens meer veilig. Uit vrees voor boeven brengt u uw geld naar de bank, die juist de boef blijkt te zijn.

Sunil Sookhlall en Kries Mahabier

https://www.srherald.com/columns/2020/03/13/centrale-bank-wil-diefstal-straffeloos-maken/

Alles over ons kiessysteem!

14 Mar, 2020, 06:48

foto

 

In tegenstelling tot beweringen van sommigen, heeft Suriname een rechtvaardig gesloten juridisch-systeem, dat de garantie biedt voor verkiezingsuitslagen met een hoge graad van correcte uitkomst. Deze basis is gelegd in Hoofdstuk IX en X van onze Grondwet in het bijzonder artikel 60 “Alles wat verder het kiesrecht betreft, de instelling van het onafhankelijk kiesbureau en zijn bevoegdheden, de indeling van Suriname in kiesdistricten, de verdeling van de zetels van De Nationale Assemblee per kiesdistrict en de methoden, volgens welke de regeling van de zeteltoewijzing plaatsvindt, worden geregeld bij wet. Deze wet dient met 2/3 meerderheid te worden aangenomen”. Deze organieke wet is de kiesregeling (S.B. 1987 no. 73 geldende tekst S.B. 1996 no. 15).     

 
In deze kieswet is het volgende verkiezingsproces tot en met het bekendmaken van de uitslag geregeld, dus door het afhandelen van de wettelijke vereisten is er geen ruimte voor frauderen.
Na de administratieve voorbereiding, begint het proces op de stembureaus. De procedure voor het afhandelen van een stemgerechtigde is identiek op elk stembureau. Het proces-verbaal van een stembureau, kan aanleiding geven om daartegen ter plaatse te protesteren. De voorzitter is dan verplicht deze bezwaren op te nemen in het proces-verbaal van dat stembureau.
 
Naar aanleiding daarvan moeten op het Hoofdstembureau van dat kiesdistrict de bezwaren worden behandeld, en als het ernstig blijkt te zijn kan geëist worden dat  de biljetten, opnieuw worden geteld. Vervolgens controleert het Hoofdstembureau de telling en totaliseert (stelt vast) het aantal op elke kandidaat en op elke partij uitgebrachte stemmen. Dit alles vindt plaats op basis van de in de processen-verbaal opgenomen gegevens. Het Hoofdstembureau telt dus niet. Opnieuw worden bij proces-verbaal de bevindingen met eventuele bezwaren ter plaatse vastgelegd en doorgestuurd naar het Centraal Hoofdstembureau. Daarom is het van belang om elke stem vanuit de stembus op elk stembureau mee te tellen.
 
Voorts wordt de uitslag van de verkiezingen vastgesteld en bekend gemaakt door het Centraal Hoofdstembureau ingevolge Hoofdstuk Xlll van de kiesregeling de artikelen 132 t/m 137. Op basis van het toezicht op het verkiezingsproces neemt het Onafhankelijk Kiesbureau (OKB) een standpunt in. Dit standpunt kan uitsluitend zijn de bekrachtiging van de verkiezingsuitslag geheel, gedeeltelijk of niet. Meer smaken zijn er niet.
 
De recente toestanden in ons buurland Guyana waarbij een opperrechter in het verkiezingsgebeuren heeft opgetreden, kan in ons gesloten juridisch-systeem niet plaatsvinden. Naast het administratief beroep op de president kan ingevolge artikel 20 van de kiesregeling, wanneer het betreft verbetering en/of aanvulling van de kiezerslijsten een beroep op de kantonrechter worden gedaan. 
 
Indien het Onafhankelijk Kiesbureau tot de conclusie komt, dat de verkiezing in een bepaald kiesdistrict niet bindend kan worden verklaard, dan betekent het dat ingevolge artikel 66 van de Grondwet het laatste woord daarover pas in de vergadering die binnen 30 dagen nadat de leden van De Nationale Assemblee zijn gekozen, zal zijn gezegd.
Ten slotte: mocht de toestand die thans heerst het verkiezingsproces zodanig beïnvloeden dat er sprake zal zijn van buitengewone omstandigheden, die het houden van een verkiezing verhinderen, dan heeft de Grondwetgever in artikel 56 lid 2 een voorziening voor bedacht. De zittingsperiode verlengen.
 
Eugène van der San

Opperrechter Guyana: Stemresultaten kiesdistrict 4 nietig

11 Mar, 2020, 18:26

foto
 Het hooggerechtshof in Guyana. 

Opperrechter Roxane George-Wiltshire heeft vanmiddag geoordeeld dat de Returning Officer van het grootste kiesdistrict in Guyana – kiesdistrict 4 – de wet heeft overtreden bij het opstellen van de resultaatverklaring. De resultaten zijn daarom nietig. Ze beval ook dat de verkiezingscommissie van Guyana (Gecom) pas een definitief resultaat kan bekendmaken als de telling en verklaring voor kiesdistrict 4 naar behoren zijn gedaan.
 
Ze oordeelde dat het proces voor de aangifte morgen om 11.00 uur moet beginnen. De uitspraak van de opperrechter zou worden gezien als een grote overwinning voor de oppositie, maar er zijn nog steeds vragen over welk proces Clairmont Mingo nu zal volgen om de bezorgdheid die er is over een nauwkeurige verklaring voor kiesdistrict 4 weg te maken. Regio vier is cruciaal voor het uiteindelijke resultaat van de verkiezingen.
 
Opperrechter George-Wiltshire heeft uitspraak gedaan in de zaak waarin wordt verzocht om volledige verificatie van het aantal stemmen voor kiesdistrict 4 tijdens de algemene en regionale verkiezingen van vorige maandag, 2 maart.
 
Ze zei dat het triest was dat ze 19 jaar na een soortgelijke zaak, ze de woorden van toenmalig opperrechter Desiree Berhard moest herhalen, dat het de rol van Gecom is om actie te ondernemen om onpartijdigheid, eerlijkheid en naleving van de wet te waarborgen. Ze merkte op dat alles in het werk moet worden gesteld om ervoor te zorgen dat iedereen tevreden is dat het proces eerlijk is. Ze voegde eraan toe dat het vertrouwen in het verkiezingsproces moet worden hersteld.
 
De burger Reeaz Hollander, gesteund door advocaten van de oppositionele People’s Progressive Party (PPP), had een bevel van het hof gekregen dat de bekendmaking van een algehele winnaar van de verkiezingen van 2 maart blokkeerde, toen duidelijk werd dat het ging om niet-geverifieerde resultaten van het aantal uitgebrachte stemmen.
 
De Returning Officers van negen van de tien kiesdistricten hebben volgens de wet gehandeld en hadden partijvertegenwoordigers, lokale en buitenlandse waarnemers toegelaten bij het verificatie-proces. Returning Officer Mingo van kiesdistrict 4 heeft dat niet gedaan. Er waren geen vertegenwoordigers van de PPP aanwezig en geen waarnemers toen de stemmen voor kiesdistrict 4 werden bekendgemaakt. De rechter oordeelde dat de bepalingen voor het verificatieproces in de wet gericht zijn op transparantie.
 
Kiesdistrict 4 had 879 stembureaus, maar Mingo stond anderen alleen toe om 421 verklaringen van de stemresultaten te presenteren. Hij brak het proces daarna af. Vervolgens verklaarde hij dat de stemmen waren geteld en overhandigde het resultaat aan de hoofdverkiezingsambtenaar van het land. Dat resultaat werd meegenomen bij het eindverslag van alle tien kiesdistrict die de hoofdverkiezingsambtenaar opstelde voor de Gecom om een winnaar te verklaren.

Guyana: Hooggerechtshof stopt publicatie verkiezingsresultaten

09 Mar, 2020, 05:02

foto
 Kiesgerechtigden staan in de rij om hun stem uit te brengen in Guyana. De stembusgang is ontsierd door beschuldigingen van fraude. (Foto: Reuters) 


 
Het hoogste gerechtshof van Guyana heeft zondag een verbod op het verkondigen van de verkiezingsuitslag gehandhaafd. Het rechterlijk bevel verbiedt de verkiezingscommissie om een ​​winnaar te verkondigen van de presidentsverkiezingen die op 2 maart zijn gehouden in Guyana. De stembusgang is ontsierd door beschuldigingen van fraude bij het tellen van de stemmen.
,
Een demonstrant werd gedood en ontevreden burgers gingen de straat op nadat diplomaten geloofwaardig bewijs van fraude in de stemming hadden beschreven. De verkiezingen zijn cruciaal voor Guyana dat aan de rand staat van een olieboom die zijn economie zal transformeren.
 
Opperrechter Roxane George zei tijdens een rechtszitting op zondag dat ze de zaak dinsdag in behandeling zou nemen om te bepalen of verkiezingsambtenaren de verificatie van stemmen in een gebied dat bekend staat als regio vier, moeten hervatten. De oppositie zegt dat de resultaten van regio vier werden vrijgegeven zonder de stemmen in meer dan de helft van de stembureaus te verifiëren, en dat de resultaten werden opgeblazen om president David Granger de leiding te geven op zijn tegenstander Irfaan Ali.
 
Het bevel voorkomt dat de verkiezingscommissie een winnaar verklaart, terwijl de rechtbank de zaak beoordeelt. De verkiezingscommissie heeft in een verklaring op zondag beloofd haar grondwettelijke plichten te handhaven. “Hoewel het jammer is hoe de dingen zijn geëscaleerd, is het de bedoeling van de Guyana Verkiezingscommissie om zich te houden aan alle wettelijke en procedurele vereisten,” zei de commissie.
 
Het kantoor van Granger heeft niet gereageerd op de rechterlijke beslissing. Voorafgaand aan de beslissing zei Granger dat hij zich niet kon bemoeien met het werk van de verkiezingscommissie.
 
De betwiste stemming kan leiden tot langdurige sudderende etnische spanningen tussen twee groepen, de Afro-Guyanezen van het land en die van Indiase afkomst, die elk achterdochtig zijn geworden dat de andere controle zoekt over inkomsten uit de olieproductie.
 
Guyana, met een bevolking van minder dan 800.000 inwoners, zal naar verwachting de komende jaren een belangrijke olieproducent worden nu een consortium van bedrijven, waaronder Exxon Mobil Corp, is begonnen met de productie van de olie en gasreserves van 8 miljard vaten voor de Guyanese kust.

Guyana: Opperrechter beslist vandaag over regio

08 Mar, 2020, 04:53

foto
 Opperrechter Roxane George van Guyana. 


 
De Guyanese opperrechter Roxane George zal vandaag de zaak in behandeling nemen over het blokkeren van de verkiezingsuitslag totdat de Returning Officer (verantwoordelijke kiesfunctionaris) van regio 4 voldoet aan de wettelijke bepalingen voor de verificatie van verklaringen van de stemmen van zijn district. Internationale regeringen, waaronder de VS, het VK, Canada en de EU, samen met waarnemers van het Gemenebest, de OAS, de EU en Caricom, hebben allemaal gezegd dat als de verificatie van de verklaringen van stemmen van regio 4 niet is voltooid, de verkiezingsresultaten niet geloofwaardig zullen zijn.
 
Als de opperrechter het verzoek weigert, zou dit de weg vrijmaken voor de Chief Elections Officer, Keith Lowenfield om de uitgebrachte stemmen in elke regio te certificeren en door te geven aan de Guyana Elections Commission (Gecom). De verkiezingscommissie moet dan  vervolgens bijeenkomen en het eens worden over de resultaten voordat de voorzitter een winnaar verklaart.
 
Gecom is zelf verdeeld, met drie commissarissen die de regering vertegenwoordigen en drie commissarissen die de oppositie vertegenwoordigen. Bij de stemming bij de Commissie zal het volgens verwachting volgens partijlijnen gaan en heeft de voorzitter uiteindelijk het laatste woord. Om beslissingen te nemen, moet de Commissie een quorum hebben en dat quorum kan alleen worden verkregen als de PPP-commissarissen opdagen.
 
Als de opperrechter oordeelt dat ze de zaak in behandeling kan nemen, zal de zaak volgende week, waarschijnlijk dinsdag, doorgaan. Ze zal dan moeten beslissen of de Returning Officer voor regio 4 de verificatie van de verklaringen van de stemming voor zijn district moet voltooien.
 
Een burger kreeg het voor elkaar om van het Hooggerechtshof een bevel te krijgen om de verklaring van de algemene resultaten van de verkiezingen te blokkeren totdat de zaak is uitgezocht. De resultaten van de algemene en regionale verkiezingen in Guyana van 2 maart zijn nog niet bekendgemaakt en bindend verklaard.
 
Intussen zijn landelijk rellen uitgebroken in Guyana. Bij botsingen met demonstranten in Berbice heeft de Guyanese politie een 18-jarige betoger doodgeschoten.

VS en EU bezorgd over situatie Guyana

De vlaggen van de VS en de EU. Foto: iStock

De Verenigde Staten (VS) en de Europese Unie (EU) zijn bezorgd over de situatie in buurland Guyana, waar er sinds de verkiezingen van 2 maart spanningen zijn tussen de coalitie en oppositie. Het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken heeft gisteren gewaarschuwd dat elke president die in Guyana aantreedt zonder een eerlijk verkiezingsproces, “niet legitiem zou zijn”.

De waarnemersmissie van de EU bij de verkiezingen van Guyana, heeft vandaag gezegd dat het verkiezingsproces een ‘serieuze wending’ heeft genomen na de resultatenverklaring voor kiesdistrict 4 gisteravond door de kiesfunctionaris, de Returning Officer, Keith Lowenfield.

De Guyanese opperrechter Roxane George behandelt vandaag de zaak over het stopzetten van de verkiezingsuitslag in kiesdistrict 4. De resultaten van kiesdistrict 4 zijn doorslaggevend voor de einduitslag. De oppositionele partijen hadden donderdag een voorsprong van meer dan 50.000 stemmen. Toen werd de telling wegens een bommelding gestaakt. Iedereen moest het gebouw in kiesdistrict 4 waar de telling plaatsvond, verlaten. De bommelding bleek loos alarm te zijn. De telling werd echter niet meer hervat.

Als de opperrechter beveelt dat de telling in kiesdistrict 4 door moet gaan, zal de Guyana Elections Commission (Gecom) de uitslag in kiesdistrict 4 moeten certificeren waarna de einduitslag bekend zal zijn. De voorzitter van de Gecom maakt de winnaar van de verkiezingen bekend.

In een verklaring heeft de EU-missie vandaag de Gecom opnieuw aangespoord om een transparante tabel met de resultaten voor kiesdistrict 4 te presenteren zoals wettelijk is vereist.

De verklaring van de EU-waarnemersmissie

Het verkiezingsproces in Guyana heeft een serieuze wending genomen na de verklaring van de resultaten voor kiesdistrict 4 vóór de voltooiing van het proces.

Om de geloofwaardigheid van het proces te herstellen, dringen wij er nogmaals bij de verkiezingscommissie van Guyana op aan om de transparante tabel van resultaten voor kiesdistrict 4 te hervatten met volledige inachtneming van de wettelijke bepalingen.

We moedigen ook alle partijen aan om hun mening uitsluitend op vreedzame wijze te uiten en al het mogelijke te doen om verdere onrust te voorkomen.

https://www.srherald.com/buitenland/2020/03/08/vs-en-eu-bezorgd-over-situatie-guyana/

Coalitiepartijen willen dat president Guyana ‘zeer snel’ wordt beëdigd

Er zijn in de plaats Berbice en langs de oostkust protesten om het uitblijven van de verkiezingsuitslag en langs de oostkust.

De coalitiepartijen APNU/AFC willen een snelle beëdiging van de nieuwe president van Guyana. APNU/AFC kijken uit naar een snelle afhandeling van het verkiezingsproces en wachten op een gerechtelijk bevel dat de verklaring van de algemene verkiezingsresultaten blokkeert ten gunste van hun leider David Granger.

“We willen graag dat deze kwestie heel snel wordt behandeld. Dus om kalmte, stabiliteit en zelfbeheersing te krijgen, moet de president heel snel worden beëdigd en moet zijn regering de nodige maatregelen kunnen nemen om de vrede, stabiliteit en veiligheid van de bevolking van dit land te waarborgen”, zei Joseph Harmon, secretaris-generaal van APNU/AFC in een videoboodschap.

De Returning Officer (RO) van kiesdistrict 4 heeft donderdag de resultaten van het grootste kiesdistrict zonder het wettelijke verificatieproces bekendgemaakt. De oppositie heeft echter beweerd dat de Statements of Poll aantonen dat ze de verkiezingen heeft gewonnen en dat de door de RO verklaarde resultaten zwaar bewerkt waren en niet geloofwaardig zijn.

De internationale gemeenschap, inclusief de leidende ontwikkelingspartners in Guyana en internationale waarnemers, hebben erop aangedrongen dat het verificatieproces plaatsvindt, anders zou de regering ongrondwettelijk zijn.

Harmon zei in zijn verklaring na de kiesdistrict 4-verklaring dat een verklaring van de algehele winnaar moet worden afgelegd door de Chief Elections Officer, gevolgd door een vergadering van de Guyana Elections Commission (Gecom) en een bevestiging van die resultaten door de Gecom.

In de Gecom hebben zowel leden van de PPP en APNU/AFC zitting, maar uiteindelijk heeft de voorzitter een beslissende stem in het bekendmaken van de winnaar.

De politie probeert de blokkades op de weg te verwijderen.

Er waren gisteren twee protesten langs de Bath Settlement Public Road, West-Berbice en Lusignan aan de oostkust van Demerara. De demonstranten blokkeerden de weg met brandende banden. Ze scandeerden: “Granger moet gaan”. De demonstranten hebben geen geloof in een eerlijke uitslag van de verkiezingen die maandag werden gehouden.

https://www.srherald.com/buitenland/2020/03/07/coalitiepartijen-willen-dat-president-guyana-zeer-snel-wordt-beedigd/

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *